Ga naar inhoud
Onderox
Terug naar overzicht

Elfje Willemsen: een leven in teken van topsport

TURNHOUT/RAVELS — Afgelopen winter nam Elfje Willemsen (34), na bijna twaalf jaar, afscheid van de Belgian Bullets, het vrouwelijke bobsleeteam van België. Maar een zwart gat dreigt er niet. Elfje werkt momenteel voor de Internationale Federatie waar ze haar kennis en ervaring doorgeeft aan jonge talenten en opkomende landen. Daarnaast werkt ze hard aan de uitbouw van haar eigen zaak als coach en personal trainer. En om te ontspannen gaat Elfje graag lopen, mountainbiken en tennissen. Een echte topsportster.

We schrijven 2007 wanneer zakenman Geert Vanvaerenbergh met het idee speelt om in België een vrouwelijk bobsleeteam op de been te brengen. Tv-zender Canvas en de KU Leuven springen mee op de kar, samen met verschillende sponsors. Hierdoor komt er voldoende budget vrij om een professioneel kader uit te bouwen. Het doel? De Olympische Winterspelen in Vancouver in 2010. Elfje Willemsen was er vanaf dag één bij.

Een vrouwelijk bobsleeteam in België? Ik was in 2007 zeker niet de enige die toen flink zijn wenkbrauwen heeft gefronst.   
Elfje Willemsen: “Ongetwijfeld. Het blijft ook een fascinerend idee, zeker als je daar nu op terugkijkt. Ik was toen tweeëntwintig en als iemand mij in die periode had gezegd dat ik twaalf jaar lang als bobsleester op het hoogste niveau zou acteren, ik had hem voor gek verklaard.”

Maar toch was je er vanaf dag één bij. Hoe zijn ze bij jou uitgekomen? En hoe verliepen die eerste maanden? 
“Het was eigenlijk onvoorstelbaar hoeveel belangstelling er was voor ons team. Het werd bovendien zeer professioneel aangepakt. Met het beste materiaal én een toptrainer. Niets was te veel om ons in Vancouver te krijgen. En het is gelukt ook. Ik vond dat fantastisch. Want door een schouderblessure zag ik enkele jaren voordien mijn grote droom aan diggelen. Ik was speerwerpster en zat perfect op schema voor de Olympische Spelen in Peking. Maar de dokter adviseerde me om te stoppen met speerwerpen. Mijn schouder bleef steeds voor hinder zorgen en ik heb immens vaak moeten revalideren. Ik wist ook wel dat ik met die schouder geen jaren aan de top kon blijven. Ik zat in zak en as. Toen ik lucht kreeg van het vrouwelijk bobsleeteam heeft vooral mijn omgeving mij aangemoedigd om mij hiervoor kandidaat te stellen. De impact op je schouder is beperkt en het was, zoals gezegd, een fantastisch idee waar ik maar al te graag mijn steentje aan wou bijdragen.” 

Was je enigszins vertrouwd met de sport?
“Helemaal niet. Ik kende er echt niets van. Maar dat was net het mooie van het project. De zes geselecteerde dames kwamen uit verschillende sporten. En die combinatie werkte. We waren allemaal vertrouwd met topsport en met de bijhorende opofferingen. We hadden allen de juiste mentaliteit en trainden waanzinnig veel. De progressie die we maakten zorgde voor een gigantische boost. Bovendien hadden we een duidelijk doel, die Olympische Spelen in 2010. Daarvoor moest alles wijken. We trainden tegen de limiet. Elke dag opnieuw. Zowel op kracht als sprint. Een bobslee weegt ongeveer tweehonderd kilo die je vanaf stilstand in gang moet duwen tot dertig à veertig meter. Dat vraagt kracht, techniek en snelheid. Het is dus meer dan gewoon met een slee naar beneden glijden.” (lacht)

Samen met Eva Willemarck werd je veertiende in Vancouver. De start was gemaakt.
“Klopt. Meedoen aan de Olympische Spelen was een droom die uitkwam en we waren vastbesloten om de volgende jaren keihard verder te werken. En dat lukte wonderwel. Al was het steeds in een wisselende bezetting. Ik denk dat ik in die twaalf jaar ongeveer vijfendertig teamleden heb zien komen en gaan. Nogmaals, het is topsport en keihard trainen. Niet iedereen is daarvoor gemaakt. Zelf heb ik ook heel wat blessures gehad. Bovendien waren we ondertussen gewoon om met topmateriaal te werken maar hierdoor moest er vaak op andere zaken beknibbeld worden. Op een gegeven moment hadden we geen eigen kiné meer, we sliepen vaak met vier dames op één kamer, we zorgden zelf voor ons eten. Allemaal om kosten te besparen. Het was dus zeker geen luxeleventje.”

Maar de resultaten waren meer dan behoorlijk. Toch?
“Absoluut. We kwamen steeds dichter aansluiten bij die top vijf. Niet evident als je weet dat in landen als de Verenigde Staten, Canada en Duitsland de bobsleesport wordt beoefend zoals hier het voetbal. Na school gaat men bobsleeën. Toch bleven we progressie maken. Op de Olympische Spelen in Sotsji in 2014 werd ik samen met Hanna Mariën zesde. Ongetwijfeld het hoogtepunt uit mijn carrière. In 2015 en 2016 behaalden we in totaal vier zilveren medailles in de Wereldbeker en een zilveren medaille op het Europees Kampioenschap, samen met Sophie Vercruyssen. Ook dat was een fantastische prestatie. Vorig jaar stond ik dan voor de derde keer op de Olympische Spelen, deze keer met Sara Aerts, in Pyeongchang. We werden elfde en bleven daarmee enigszins onder onze eigen verwachtingen. Jammer. Maar ook dat is topsport. Bij bobslee moet alles op één dag gebeuren. Een iets mindere dag op dat moment kost je meteen een paar plaatsen. Ik was ondertussen de dertig gepasseerd en 2018 leek me dan ook een mooi jaar om te stoppen als Belgian Bullet. België beschikte al enige jaren over een tweede team en zij hebben nu de fakkel overgenomen. De toekomst is dus verzekerd.”

Toen ik je belde voor dit interview zat je acht weken in het buitenland als trainster. Van echt stoppen is dus nog geen sprake?
“In september van 2018 kreeg ik de vraag van de Internationale Federatie om bobsleecoach te worden. Ik heb geen seconde getwijfeld. Het is de perfecte manier om mijn kennis en ervaring door te geven. Enerzijds aan de jeugd maar ook aan teams uit de Europa Cup. Dit zijn kleinere landen die eigenlijk staan waar wij in 2007 stonden. Vaak hebben ze zelf geen eigen coach maar proberen we hen op deze manier toch klaar te stomen voor de Olympische Spelen. Zo was ik in januari en februari van dit jaar zes weken onafgebroken in het buitenland voor trainingsstages. Eigenlijk ben ik vanaf half oktober al intensief bezig. Die kleinere landenteams hebben vaak ook beperkte middelen. Op dat vlak kan ik hen ook wat bijbrengen. Ik heb het allemaal al eens gezien. Bovendien ben ik van mening dat elk land de zelfde successen kan behalen als België door de puzzel mooi in elkaar te laten passen. Daar help ik graag aan mee.”

We hebben het alleen nog maar over bobslee gehad. Welke zaken zijn er nog belangrijk in het leven van Elfje Willemsen?
“Omdat ik wist dat ik in 2018 aan mijn laatste jaar bezig was, heb ik vorig jaar een eigen zaak opgericht. Hiermee wil ik iedereen aanmoedigen om verantwoord en efficiënt te sporten. Iedereen op zijn of haar niveau. Denk hierbij aan beginnende topsporters maar dat kan ook voor bedrijven of voor een persoonlijke planning. Het moet vooral plezant blijven. Het moet niet altijd harder, beter, sneller. Het mag ook gewoon leuk zijn. Op deze manier wil ik graag een alternatief aanbieden voor de fitness en de mensen overtuigen dat er nog andere manieren zijn om op een gezonde manier aan sport te doen. Eerst goed bewegen en dan pas de intensiteit verhogen. Als ik met mijn zaak meer mensen kan overtuigen om te sporten, zou dat een mooie droom zijn die uitkomt. Daar wil ik de volgende jaren sterk op inzetten.”

Je leven staat al vele jaren in het teken van topsport. Wat doe je om je te ontspannen?
“Dan ga ik een beetje sporten.”

Excuseer?
“Recreatief uiteraard. Maar ik ga al eens graag lopen of wat mountainbiken. Of tennissen, dat heb ik nog maar pas ontdekt maar vind ik heel plezant. Rustig en ongedwongen. Ik ga ook heel graag uit eten, iets drinken, een terrasje doen, van die zaken. Kan ik erg van genieten. Zo vond ik de zomer van 2018 echt plezant. Het was bijna altijd terrasjesweer. En zal ik je mijn guilty pleasure vertellen? Frietjes. Heerlijke Belgische frietjes. Je zou dat misschien niet meteen verwachten van een topsportster maar ik kan daar zo van genieten. Dat is altijd mijn laatste avondmaal als ik naar het buitenland vertrek. En ook weer het eerste dat ik eet als ik terug in België ben. Na zes weken buitenland kan ik daar echt op aftellen. Een Duitse schnitzel met frietjes is toch niet hetzelfde.” (lacht)

Je bent van Ravels-Eel en woont al vele jaren in Turnhout. Heeft de Kempen een speciale betekenis voor jou?
“Uiteraard. Ik kom altijd graag terug naar huis. Ik ben hier graag. Ik ben opgegroeid in Ravels maar woon sinds mijn vijfentwintigste in Turnhout, om logistieke redenen. Je bent toch een stuk sneller op de snelweg. Mijn ouders wonen momenteel in Kasterlee en mijn broer en drie zussen zijn ook allemaal in de Kempen gebleven. Zo ben ik ook in contact gekomen met de organisatie van Zevendonk voor Muco. Daar ben ik nu meter van. En dat ligt me helemaal. Ook deze vzw brengt mensen samen om aan sport te doen, en dat voor een goed doel. De editie van dit jaar gaat trouwens door op zondag 15 september 2019. Zet die datum zeker in je agenda. Je kan er lopen, wandelen, fietsen en tennissen. De muco-patiënten zijn je eeuwig dankbaar.”

Genoteerd!

Meer info:
www.move-yourself.be
www.zevendonkvoormuco.be

Tekst: Peter Meulemans
Foto’s: Bart Van der Moeren


Reactie toevoegen

Velden met een * zijn verplicht.

Onderox?*