Ga naar inhoud
Onderox
Terug naar overzicht

Margriet Hermans laat van zich horen

OUD-TURNHOUT/WIJNEGEM – Wat hebben we het gemist! De razend populaire talkshow uit de jaren negentig in het casino van Middelkerke, de presentatrice met een oprechte belangstelling voor haar gasten, Vlaamse liedjes, die aanstekelijke bulderlach… Twintig jaar later is Margriet Hermans helemaal terug en zit ze voor de seniorenzender Eclips TV opnieuw tussen de mensen. Onderox was er bij tijdens de opname in Gemeenschapscentrum ’t Gasthuis in Wijnegem.

Alsof die twintig jaar tussen ‘Margriet’ en ‘Margriet tussen de Mensen’ er nooit zijn geweest. De nu 64-jarige presentatrice laveert als vanouds gezwind door haar nieuwe praatprogramma. Geen enkel thema lijkt haar vreemd. Artsen zonder Vakantie, tips van de notaris, 40 jaar Lotto… En als er dan toch iemand komt die zich ‘cow fitter’ noemt en niemand zich daar iets bij kan voorstellen, dan is ze net als het publiek in de studio verschrikkelijk nieuwsgierig. Wanneer aan haar houten praattafel Jan en Rik van Gasthof De Kaasboerin uit Mol-Postel bijschuiven voor de wekelijkse babbel, lichten haar ogen net iets feller op. Ha, de Kempen, dat is altijd thuiskomen. Als de TVopname erop zit en de camera stopt met draaien, zit Onderox aan de houten tafel en stellen wij de vragen.

Was de jonge Margriet, toen ze nog school liep in het Heilig Graf ook al zo innemend?
Margriet Hermans: “Oei oei oei. Ik was veeleer een rebel denk ik. Ik kwam uit een middenstandsgezin. Mijn ouders hadden een goed draaiende bakkerij in Turnhout. Toen ik na de humaniora naar de universiteit wilde, hadden ze grote twijfels. ‘Margrietje, jij op kot in Leuven? Je gaat daar te veel feesten’, zei mijn moeder. Eerlijk gezegd, ik was ontgoocheld omdat ze me niet beter kende dan dat. Ik zou het gekund hebben: Politieke en Sociale Wetenschappen want engagement zat er toen al in. Maar uiteindelijk werd het een regentaatopleiding Frans, Engels en Geschiedenis. Een foute keuze want in de jaren zeventig was er in het onderwijs nauwelijks werk. Maar ik wilde niet langer van mijn ouders afhankelijk zijn. Met een vriendin huurde ik een huisje in Turnhout. Dat leverde me trouwens nog het etiket van lesbische vrouw op.”

Hoe heb je dan de kost verdiend, want je was al dertig toen we jouw fantastische zangstem voor het eerst hoorden?
“Ik heb tien jaar les gegeven in het avondonderwijs. Tussendoor volgde ik zelf een opleiding bij de RVA als secretaresse. Maar in een bedrijf gaan werken was ook niet evident. Ik had mijn uiterlijk niet mee hé. Uiteindelijk kwam ik terecht bij Concordia Mail. Op de klachtendienst voor anderstaligen. Het betaalde barslecht maar het was een formidabele leerschool. In een volgend bedrijf was ik doodongelukkig omdat de mentaliteit er zo ouderwets was. ‘Komaan Margriet, je kan toch méér dan wat je hier doet!’ Er zijn dokters en pillen aan te pas gekomen. Om al het voorgaande te deleten ben ik in Madrid in een tent gaan wonen. Na acht maanden kwam ik terug als een nieuwe.”

Hoe ben je dan aan het zingen geraakt?
“Oh, maar ik heb altijd gezongen hoor. In het zangkoor deed ik alle soorten stemmen. Fantastisch vond ik dat. Op de muziekacademie volgde ik les bij juffrouw Pipeleers maar die wilde van mij een klassieke zangeres maken. O-o-o-o-o (stem gaat de hoogte in). Ik wilde echter blues en rocknummers. Maar het was een goede leerschool voor zangtechniek. Tussendoor zong ik op studentenfeestjes liedjes van Bob Dylan. Op het trouwfeest van mijn broer in 1983 in de Watermolen in Kasterlee bracht ik naar familietraditie een medley. Het was de uitbaatster van de feestzaal die me aanspoorde om iets met dat zingen te gaan doen. Ik ben aarzelend gestart met een pianist maar horecazangeres worden was niks voor mij want als ik begon te zingen, legde iedereen in het restaurant zijn mes en vork neer. Ik eiste teveel de aandacht op.”

Dus nog altijd geen podium. Wie heeft er dan voor gezorgd dat heel Vlaanderen je leerde kennen?
“Marc Dex. Hij organiseerde in zijn taverne ‘Klaveren Drie’ elke week een vrij podium. Op één of andere manier was het hem ter ore gekomen dat ik een goeie stem had en hij belde mij op. Dat was op 17 maart 1985. Ik weet het nog goed want dat is mijn verjaardag en even voordien was mijn vader gestorven. Ik heb de sprong gewaagd en het werd een ongelooflijk succes. Het publiek vroeg waar ik al die tijd gezeten had. ‘Christus begon toch ook pas aan zijn publieke leven op z’n dertigste’, antwoordde ik dan laconiek (bulderlach). Nadien ging het razendsnel. Eurosong, de Baccarabeker, panellid in het VRT-programma ‘De Drie Wijzen’,… Daar botste ik op producer Bart de Prez. Hij zocht iemand die een talkshow kon presenteren, als opvolger van ‘Met Mike in Zee’. En weer sprong ik. Radio volgde met ‘Moe zeg es hoe’ onder Jos Ghijsen en o.a. met Luc Appermont. Fantastische tijden waren het en ik heb toen keihard gewerkt. Het gebeurde dat ik na een opname in Middelkerke nog met de auto naar de andere kant van het land stoof om er te gaan optreden. Want ik ben ook altijd blijven zingen.”

Hoe komt het dat de Vlaamse muziek toch in de vergeetpunt is beland? Micha Marah en Connie Neefs lieten het ook al optekenen in Onderox: de VRT doet niks!
“Inderdaad, we zijn alle drie lid van VLAPO, de organisatie die Vlaamse podiumartiesten ondersteunt. Ik ben trouwens één van de stichtende leden. Micha en Connie hebben gelijk. Het is schandalig dat de VRT geen aandacht heeft voor muziek van eigen bodem. De artiesten worden wel uitgenodigd hoor maar enkel om ze belachelijk te maken in één of ander spelprogramma. Niet om te zingen. Met Ment TV is er al iets meer zichtbaarheid maar het is niet genoeg. Of je nu voorof tegenstander bent van Vlaamse muziek, die vraag stel ik niet. Het is er en er is een publiek voor. En de VRT moet daarin haar rol van openbare omroep opnemen. Peper het er nog maar eens goed in. Derde keer is misschien goede keer.”

Is dat één van de redenen dat je in 1998 in de politiek bent gestapt?
“Dat speelde inderdaad mee maar het was niet de enige reden. Mijn contract bij de VRT was afgelopen, het zingen stond op een laag pitje en ik wilde mijn leven toch zinvol blijven invullen. Politiek leek me wel wat en zo ben ik bij de ID21-beweging van Bert Anciaux terechtgekomen. Niet om het politieke spel hard te spelen maar om bepaalde trends te ondersteunen. Bij CD&V was ik trouwens niet welkom, de lokale politici zagen met een BV in de rangen hun job al verloren gaan. Of ik veel heb kunnen realiseren? Mmm, ik ben nooit minister geweest maar ik denk toch dat ik in enkele domeinen mijn steentje heb kunnen bijdragen, o.a. in media en dierenwelzijn. Politiek is een harde stiel en ik ben er twintig jaar verouderd. Maar het is een ongelooflijk boeiende wereld. Ik ben nog altijd politiek actief. Bij de gemeenteraadsverkiezingen in oktober duw ik in Oud-Turnhout de LB18-lijst. Een Liberale Burgerpartij die, vrij van godsdienst, gelooft in het menselijk initiatief.”

Vrouwen met een mening: altijd welkom in de politiek en jij schuwt de straffe uitspraken niet. Wat bezielt je om dat te blijven doen? Je krijgt elke keer bakken kritiek.“Mijn man (Frank Deloof, nvdr.) zegt het ook altijd. ‘Margrietje, zwijg nu toch eens!’ Maar ik kan niet zwijgen. Ik wil zeggen wat ik voel en wat mijn medemensen voelen. En ik hoop dat ik door het feit dat ik iets publiek kán zeggen, er een dialoog op gang komt. Als we allemaal zwijgen, groeit er frustratie en geraken we geen stap verder. Ik zal dus blijven communiceren maar ben ook de eerste om mijn mening te herzien als ik ernaast zit.”

Zat je er ook naast met je uitspraak dat moslima die een hoofddoek dragen een provocatie is voor jouw opvoeding en waarden?
“Hoewel ik die uitspraak blijkbaar niet verdedigd krijg, blijf ik vinden dat een hoofddoek geen goede zaak is. Het is geen religieus symbool, het is een vrouwonvriendelijk symbool. Als die vrouwen morgen zouden beslissen om een kettinkje met een sikkeltje om hun hals te hangen, ben ik de eerste om te zeggen: doe maar. Vrijheid van godsdienst en meningsuiting! Maar een hoofddoek is net een stap te ver. Het is een vernedering! Zoals ik nog de tijd heb meegemaakt dat vrouwen niet te communie mochten gaan als ze ongesteld waren.”

Tijdens je TV-carrière opende je ook het debat over je zwaarlijvigheid. Wat was toen je drijfveer om daar zo open over te zijn?
“Ik wilde helemaal niet dik zijn maar ik was het wel. Deugnieterij op school? Mij hadden ze gezien ook al had ik er niks mee te maken. In de zwemclub – niet evident voor iemand die honderd kilo woog om daarbij aan te sluiten – riepen ze ‘hé dikzak!’ Ik kon op twee manieren reageren: er ongelukkig over zijn of het gebruiken. Ik heb voor het laatste gekozen, al kreeg ik haatmails dat de VRT toch goed zot moest zijn om zo’n vet varken op televisie te laten komen. Woorden van die strekking. Maar ik zette door en op lange termijn is er toch iets veranderd. Hoewel… ik vind dat we als vrouw terug een stap achteruit zijn gegaan. De commerce is opnieuw gebaseerd op slankzijn en het ideale model. Ook voor jongens.”

De eerste BOM-moeder die daar openlijk voor uitkwam, een zelfmoordpoging waarover je getuigde,... de lijst is lang. Is communiceren de rode draad in je leven?
“Dat kan je wel stellen. In alles wat ik in mijn leven gedaan heb, gaan mensen die consequentie terugvinden. Eerlijk zijn tegenover jezelf en tegenover je medemens. Spreek erover want veel is herkenbaar. We leven in een moderne, democratische en open gemeenschap. Over alle thema’s moet kunnen gesproken worden. Wie dat tegenhoudt, ondermijnt onze vrijheid.”

Goed gezegd, Margriet!

Meer info: ‘Margriet tussen de mensen’ is elke zondag om 16 uur te bekijken op Eclips TV via de digitale zender van Telenet (kanaal 40) en Proximus (kanaal 109).

Tekst: Suzanne Antonis
Foto’s: Bart Van der Moeren


Reactie toevoegen

Velden met een * zijn verplicht.

Onderox?*