Wil je op de hoogte blijven?
Abonneer je op onze nieuwsbrief en ontvang elke maand een overzicht met de belangrijkste nieuwsberichten.
GROBBENDONK/TIELEN/GUATEMALA — Beloofd is beloofd! Vorig jaar spraken we met Katrien Verlinden (48) en Bart Nuyts (49) die Grobbendonk en Tielen inruilden voor de Deense hoofdstad Kopenhagen. Maar na tien jaar op Deense bodem lonkte het avontuur in Guatemala. “We trekken één jaartje naar Midden-Amerika”, klonk het toen. Wat zeggen ze vandaag?
Katrien, jij nam je gezin voor een jaar mee naar Guatemala, waar je in 1996 als uitwisselingsstudent verbleef. Hoe bevalt het jullie?
Bart: “Ik zal maar met de deur in huis vallen: dat jaartje worden er alvast twee!”
Katrien: (lacht) “Tja, het bevalt ons hier wel. Maar vooral: er is nog heel veel te doen. Het was onze opzet om hier een bedrijf uit de grond te stampen — géén NGO — dat de lokale bevolking versterkt en in contact brengt met nieuwe internationale partners. Dat is ons gelukt, maar een jaar is te kort om echt die stevige basis op te bouwen die het bedrijf nodig heeft om zonder ons verder te kunnen. We doen er dus nog een jaar bij. Ondertussen heb ik ook mijn job als leerkracht in Kopenhagen definitief opgezegd.”
Bart: “Katrien werkt hier voltijds mee in het bedrijf en dat gaat haar goed af. We zijn prima op elkaar ingespeeld. Maar er is inderdaad nog werk aan de winkel. In Guatemala zie je dat heel wat nieuwe ondernemers binnen de kortste keren failliet gaan omdat er amper begeleiding is voor deze mensen. Met TierraVista zijn we op twee gebieden actief: een sociale pijler waar we inzetten op onderwijs voor ondernemende jongeren en vrouwen en een commerciële pijler voor import, export en milieuprojecten. We helpen bedrijven aan de nodige connecties om internationale zaken te doen, zoeken afzetmarkten voor bijvoorbeeld lokale koffieboeren en leggen internationale contacten voor nieuwe technologieën op gebied van energie en afvalverwerking.”
Dat zijn wel heel uiteenlopende thema’s.
Bart: “Klopt, maar er zijn hier heel wat mogelijkheden. De jonge bevolking wil vooruit en niet stil blijven zitten. Ze zoeken Europese alternatieven voor de veelal Noord-Amerikaanse dominantie. We zetten vooral onze ervaringen en connecties in die we eerder opgebouwd hebben. Bijvoorbeeld, voor onze sociale pijler hebben we net NordVida opgericht, een Deense stichting waar we Europese fondsen werven om onze onderwijsprojecten in Guatemala te ondersteunen.”
Katrien: “We hebben speciale aandacht voor vrouwen. Een groot deel van hen staat er helemaal alleen voor om het gezin te beredderen omdat de mannen naar de Verenigde Staten zijn getrokken om er te gaan werken. Er is weinig ondersteuning voor hen, vandaar ons werk. Maar ook kinderen en jongeren met speciale behoeftes worden vaak aan hun lot overgelaten. Via een samenwerking met een plaatselijke Montessorischool kunnen we nu ook daar ingrijpen door middel van bijvoorbeeld studiebeurzen.”
Jullie doen dus een soort van ontwikkelingssamenwerking dan, op verschillende domeinen?
Katrien: “De ontwikkelingssamenwerking zit enkel in de sociale pijler maar in het algemeen is onze hoofdtaak het connecteren en activeren van de lokale ondernemer met de internationale wereld. We zetten de mensen in gang, leren hen verantwoordelijkheid opnemen, laten hen zien hoe ze zelf dingen kunnen bereiken. Heel wat mensen hier onderschatten hun kwaliteiten of hebben door omstandigheden niet de mogelijkheden om hun talenten te ontdekken, laat staan in te zetten. We krikken met onze projecten hun eigenwaarde op, maar zorgen ondertussen ook voor een degelijke omkadering. Aangezien de deelneemsters hun kinderen mee naar de workshops brengen bij gebrek aan opvang, zorgen we voor snacks, drankjes en zamelen we ook kleding voor hen in. We organiseren tegelijkertijd Engelse les voor hen in samenwerking met de Montessorischool, zodat de volgende generaties alvast een stap voor staan.”
Bart: “Het is de bedoeling dat alles blijft lopen als wij weer vertrekken. Het is soms complex, maar het doet deugd om te zien wanneer iets aanslaat en mensen echt vertrokken zijn.”
Jullie zijn bezige bijen, merk ik. Hoe is de balans dan met het privéleven? Want ik herinner me dat jullie net voor die goede balans werk-privé België inruilden voor Kopenhagen.
Katrien: “We hebben een gevarieerd leven, dat is zeker. We werken hard maar genieten ook van de zalige familiemomenten hier. Stiekem ben ik ook blij met de hulp in het huishouden en de tuin. Dat geeft ons extra ruimte, dat ben ik niet gewoon. We hebben al heel wat van het land kunnen verkennen, hebben veel nieuwe mensen leren kennen en ontvingen ook al bezoek uit België.”
Bart: “Guatemala is een heel divers land wat natuur en landschappen betreft. We hebben hier maar twee seizoenen, een droog en een nat. Omdat we zo dicht bij de evenaar zitten, komt de zon ook het hele jaar door om ongeveer zes uur op om om zes uur ’s avonds weer onder te gaan. Leven in de bergen op 2.450 m hoogte vergde ook een hele aanpassing.”
Katrien: “Onze jongens Rafael (10) en Adrian (7) hebben zich in het begin wel wat verveeld. De taalbarrière zorgde voor een wat moeizame start, maar ook het feit dat hier niets georganiseerd wordt. Wil je voetballen? Dan moet je zelf een veldje zoeken, en medespelers. Wil je muziekles? Dan moet je zelf op zoek naar een leraar. Dat Vlaamse clubleven kennen ze hier niet. Ondertussen hebben ze gelukkig wel vriendjes en gaan ze zwemmen en voetballen. We hebben ook nog veel contact met mijn gastfamilie en vrienden van in 1996. Op elk feestje worden we uitgenodigd, dus aan sociale contacten geen gebrek.”
Bart: “Het zoeken naar een geschikte school was wat moeilijker. Heel wat instellingen zijn evangelisch geïnspireerd. Daar waren we niet per se naar op zoek. Verder heb je ook nog scholen die enkel voor meisjes of enkel voor jongens zijn. Dat leek ons ook wat te bekrompen de dag van vandaag. Andere scholen hebben dan weer een vrij academische benadering, waar we onze jongens niet in zien passen. Het werd uiteindelijk een Montessorischool met een heel praktische benadering en klassen met drie leeftijden in één groep. We willen onze kinderen vooral leren om ‘outside the box’ te denken en hoe ze om moeten gaan met verschillende culturen. Ik ben van mening dat diploma’s in de toekomst minder en minder van tel zullen zijn, maar dat de manier waarop je met informatie en technologie omgaat, hoe je denk- en handelswijzen zijn, bepalen waar je terechtkomt.”
Kunnen de jongens de Midden-Amerikaanse cultuur ondertussen appreciëren?
Katrien: “Na de eerste dag op school zei Rafael: ‘Mama, de mensen zijn hier zo lief en vriendelijk’. Dat zegt alles, he. Er heerst nog openheid tussen de mensen, op straat wordt goeiedag gezegd en slaan we een babbeltje. De samenleving doet me hier wat denken aan de verhalen van mijn moemoe, uit tijden waar iedereen uit de buurt nog contact had met elkaar. Al zorgt de taal soms voor misverstanden. Zo lopen de leerlingen op school met de handen op de rug en in stilte van het ene lokaal naar het andere. Voor Adrian leek de school zo op een gevangenis. In de zwemles had hij de indruk dat de zwemlerares hem wou verdrinken omdat ze hem onderduwde. Hij verstond namelijk de instructies in het Spaans niet en niemand legde hem de reden uit in het Engels. Ondertussen snappen ze waarom dat gebeurt. Het is allemaal kwestie van goede communicatie.”
Jullie breien nog een jaartje extra aan het avontuur. En dan?
Katrien: “Ik houd het op nog één jaar.”
Bart: “Ik plan niets. Mijn ervaring leert me dat er altijd wel iets nieuws op je pad komt. De planning loopt altijd anders. We weten nu dat één jaar niet genoeg is om iets op te bouwen. Je moet leren omgaan met de bureaucratie, met de andere manier van aanpakken… Langs de andere kant leren onze werknemers ook van onze werkethiek: samenwerken, oplossingsgericht denken, proactief werken, fouten maken en resultaatgerichte beoordelingen zijn meestal nieuw voor hen. Het komende jaar zetten we daar zeker nog op in.”
Katrien: “Ons gevoel vertelt ons alleszins dat ons werk nog niet gedaan is hier. De mensen worden hier een beetje dom gehouden. Er is een kleine laag rijken die de touwtjes in handen wil houden. Ze houden de rest naïef en menen dat een opleiding er alleen maar voor zorgt dat mensen niet meer voor hen willen werken. De tegenstelling met Denemarken kan niet groter zijn: daar weet iedereen alles en heeft iedereen toegang tot het beste onderwijs en alle informatie. Maar gelukkig zien we hier toch ook dat er veranderingen op komst zijn. En met alles wat er momenteel gaande is in de Verenigde Staten, is een goede verstandhouding met Europa heel interessant.”
Jullie klinken als echte wereldverbeteraars.
Bart: “Niet overdrijven, hé. Samenwerken met gemotiveerde mensen die vooruit willen geraken in het leven en dat in een land met vriendelijke mensen en een prachtnatuur heeft voor ons ook een meerwaarde. Katrien heeft nu ook van het bedrijfsleven geproefd en dat bevalt haar. We zullen wel zien waar het ons in de toekomst brengt.”
Katrien: “En wie weet trekken we ook wel even terug naar België. Ik vind het fijn dat we onze kinderen kunnen onderdompelen in verschillende culturen, en daar hoort ook onze eigen, Kempense cultuur bij. We houden ook rekening met onze families. Mijn vader hoort niet meer zo goed en heeft geen smartphone, waardoor het online contact wat moeilijker verloopt. Ik weet ook dat de tijd die we samen nog kunnen doorbrengen steeds korter wordt. Maar het is een geruststelling te weten dat waar we ook voor kiezen, waar we ook terechtkomen, we altijd kunnen rekenen op de steun van onze familie.”
Ben of ken jij zelf ook een Kempenaar in het buitenland? Laat het ons weten via redactie@onderox.be.
Abonneer je op onze nieuwsbrief en ontvang elke maand een overzicht met de belangrijkste nieuwsberichten.