Wereldreizigers

Ief Smets haalt met Kempense touwtrekkers de wereldtop

Gepubliceerd: 23 september 2025  |  Door: Annelies Vrints  |  Onderox editie: 256

RETIE – Op de afgelopen Wereldspelen in het Chinese Chengdu behaalde het Belgisch touwtrekteam een zilveren medaille met het gemengde team. De basis van dat internationale succes ligt in de Antwerpse Kempen. Ief Smets, bondscoach van de Belgen, maar ook trainer-trekker bij touwtrekteam Familie Janssens in Retie, geeft een inkijk in de sport.

Proficiat, Ief, met jullie zilveren medaille op de Wereldspelen. Hoe was die reis voor jullie?
Ief Smets: “De Wereldspelen blijven natuurlijk een unieke ervaring, omdat die maar om de vier jaar plaatsvinden. Het is het hoogst haalbare voor onze sport. Van China zelf hebben we eigenlijk niets gezien. We zijn er zes dagen geweest en hebben welgeteld één dag een uitstap gemaakt om panda’s te gaan bekijken. Toen hadden we even een break nodig na de vierde plaats van het mannenteam. We hadden daar op meer gehoopt. Over het land kan ik je dus weinig vertellen.” (lacht)

Brengt zo’n medaille ook iets op?
“Nee. We hebben wel het geluk dat we een medaille gehaald hebben en dat we al vicewereldkampioen waren. Daardoor betaalde het BOIC onze deelname aan de Wereldspelen. Voor de andere kampioenschappen, of wanneer je geen topprestatie kunt voorleggen, kost dat elk van ons 1.500 euro. Die internationale wedstrijden maken van het touwtrekken dus best een dure sport. Als je een team samenstelt, moet je ook altijd de vraag stellen wie het deelnamebedrag wil betalen.”

Na de Wereldspelen stond er meteen een WK in Engeland gepland. Was de selectie dezelfde als in China?
“Onze delegatie in Engeland was veel groter, ruim 30 personen. Tijdens het WK zijn er twee kampioenschappen, eerst voor clubs en daarna voor landenteams. Omdat meerdere Belgische clubs deelnemen, zijn er veel mensen ter plaatse. De finale selectie voor de landenteams maken we in Engeland zelf. Er zijn daar competities voor jongeren, beloften en volwassenen, telkens voor mannen, vrouwen en een gemengd team en dat in verschillende gewichtsklassen. In totaal namen we met een nationaal team deel aan zowat tien van die competities.”

Zijn jullie winstkansen op een WK dan altijd even groot als op de Wereldspelen?
“Eigenlijk groter. In het touwtrekken trek je tegen elk deelnemend team. De beste vier teams trekken dan voor de medailles. Omdat er op de Wereldspelen maar 6 landen mogen meedoen, zijn er slechts 5 voorafgaande manches. Daardoor kan elke verloren manche je een medaille kosten. Tijdens een wereldkampioenschap zijn er meestal 12 teams per competitie en heb je dus 11 onderlinge confrontaties. Omdat die wedstrijddag veel langer duurt, worden andere factoren belangrijker. Uithoudingsvermogen en techniek winnen het dan van pure kracht. Eén mindere manche hoeft daar nog niet te betekenen dat je uit de medaillerace ligt. Uiteindelijk hebben we op het WK twee keer goud gewonnen, twee keer zilver en drie keer brons.”

Je bent trainer-trekker bij het team Familie Janssens uit Retie en bondscoach van de nationale teams. Vanwaar dat verschil in functie?
“Je hebt een coach nodig die het team aanstuurt en instructies geeft tijdens de wedstrijd. Bij de nationale teams is het moeilijk om dan zelf ook nog als trekker mee te doen. Dus hebben we daar per team een trainer langs de kant staan en ben ik bondscoach. Bij ons eigen team neem ik wel die dubbelrol op en ben ik ook zelf nog trekker. Al merken we dat we daardoor soms een coach missen. Zeker wanneer er veel jongeren mee trekken, kunnen zij die extra begeleiding wel gebruiken. Maar voorlopig blijf ik zelf wel mee aan het touw trekken.”

Aanvaarden de andere teams jouw dubbelrol als bondscoach en trekker bij Familie Janssens gemakkelijk?
“De andere teams hebben ook trainers bij de nationale teams, ik ben dus niet de enige die de teams samenstelt. Weet je, de touwtrekwereld is heel klein en heel amicaal. In België — en dan vooral Vlaanderen en de Kempen — zijn er tien touwtrekverenigingen, met in totaal zo’n 250 leden. Het hele seizoen trekken we quasi elke week tegen elkaar, we kennen elkaar heel goed. Wanneer er trekkers te veel zijn, vormen zij op een wedstrijddag samen een gelegenheidsteam, zodat iedereen kan meedoen. Dat is alsof de reservespelers van Anderlecht en Club Brugge samen een match spelen tegen Standard. Zie je dat in een andere sport al gebeuren?”

Wat er opvalt, is dat er veel vrouwen en meisjes aan touwtrekken doen.
“Klopt, dat zien we ook in de cijfers. Rond 2020 kende het ledenaantal een algemene terugval. Sindsdien stijgt dat aantal weer, maar het aandeel vrouwen stijgt veel sterker dan dat van de mannen. Dus ja, onze verenigingen tellen steeds meer vrouwen in hun rangen. En zij vertellen het door aan vriendinnen en familie waardoor zij sneller naar onze teams komen.”

Is het een nadeel om meer vrouwen in je team te hebben?
“Nee, helemaal niet. In het touwtrekken stel je een team samen volgens het totaalgewicht van alle trekkers. Voor de nationale competitie hebben we in het reglement opgenomen dat je voor elke jongere of vrouw die je opstelt, extra gewicht bovenop de standaard van 560 kilogram mag opstellen. Het aantal trekkers per team ligt niet vast, maar varieert meestal tussen 6 en 10 personen. Voor de start van de wedstrijddag vindt er een weging plaats, zoals je ook in het judo of het boksen ziet, en op basis van die weging stel je je definitieve team samen. Je hebt wel een modelopstelling voor ogen, maar pas na die weging weet je of je die ook op het veld kunt zetten.”

Dat het gewicht zo’n bepalende rol speelt in het touwtrekken, zullen weinig buitenstaanders weten.
“En dat is net een belangrijke variabele in onze sport. Met het groeiend aantal vrouwen in het team moet je er ook rekening mee houden dat hun gewicht kan schommelen, naargelang de cyclus. Al moeten ook onze mannen moeite doen, hoor, om een stabiel gewicht te houden. Aan de gewichtsnorm voldoen is een groepsinspanning. Een dag op voorhand geeft iedereen door wat zijn gewicht is en dan weten we of we als team op gewicht zitten of dat we extra kilo’s kwijt moeten raken. Je ziet dan ook vaak dat trekkers op een wedstrijddag amper eten of drinken om dat na de weging goed te maken.” (lacht)

Welke eigenschappen moet je bezitten om een goede touwtrekker te worden?
“In de eerste plaats moet je een teamspeler zijn. Touwtrekken is een groepsgebeuren, je trekt letterlijk aan hetzelfde zeel. Kracht is een essentieel onderdeel, maar dat ontwikkel je gaandeweg tijdens het trainen. Je hoeft dus zeker geen krachtpatser te zijn. Techniek en uithoudingsvermogen zijn eigenlijk belangrijker.”

Wat is er zo aantrekkelijk aan touwtrekken?
“Onze teams staan aan de internationale top van het touwtrekken. Het is wel fijn om samen zo’n hoog niveau te kunnen halen, ook al is dat in een kleinere sport. Je hebt zo’n tien jaar nodig om een team te vormen voor de wereldtop. Omdat onze teams al lang bezig zijn, heb je een natuurlijke doorstroming van jongeren naar het volwassen team, zodat we elkaar naar een hoger niveau kunnen tillen. En wat is er leuker dan met je vrienden deze successen te mogen ervaren?”

MEER INFO
www.touwtrekken.be

Meer lezen van Annelies Vrints
Meer lezen over
sport

Meer Wereldreizigers

Wil je op de hoogte blijven?

Abonneer je op onze nieuwsbrief en ontvang elke maand een overzicht met de belangrijkste nieuwsberichten.