Bijzondere trends

Ward Vanhoof vindt veel plezier in Squadrats

Gepubliceerd: 26 mei 2026  |  Door: Annelies Vrints  |  Onderox editie: 264

MOL/ANTWERPEN – Wout van Aert heeft er 44.855, Steff Cras 42.213 en Ward Vanhoof 26.443. Geen punten of fietskilometers, maar wel vierkanten. Daarmee staan ze respectievelijk op plaats 76, 103 en 342 in Squadrats. Heeft u geen idee waar dit over gaat? Profwielrenner Ward Vanhoof van Team Flanders-Baloise vertelt waarom veel wielrenners plezier vinden in deze vierkante hype.

Wat is Squadrats, het nieuwste spelletje onder wielrenners?
Ward Vanhoof: “Eigenlijk is het heel eenvoudig. De wereldkaart is verdeeld in vierkanten van een mijl op een mijl. De uitdaging is om zoveel mogelijk van die vierkanten, ofwel squadrats, te verzamelen. Dat doe je door een sportactiviteit in zo’n vierkant te registreren, een activiteit waarbij je je op eigen kracht voortbeweegt. In de praktijk koppel je je Strava-account aan Squadrats, waardoor er berekend wordt hoeveel vierkanten je gescoord hebt. Naast squadrats heb je ook nog een ‘yard’, wat het aantal aaneensluitende vierkanten aanduidt, en übersquadrat, wat het aantal vierkanten in een groot vierkant aangeeft.”

Wat wil dat in jouw geval zeggen?
“Mijn yard omvat 4.063 squadrats, mijn übersquadrat is 37x37 vierkanten groot. Dat terrein loopt van pakweg Antwerpen tot Alken en van de Nederlandse grens tot het Leuvense. Je ziet dus duidelijk dat ik bijna mijn hele leven in Mol gewoond heb en van daaruit veel gefietst heb.”

Sinds kort hoor je wielrenners vertellen over die vierkanten. Hoe ben jij erbij terechtgekomen?
“Ik hoorde er voor het eerst over in een wielerpodcast met Tiesj Benoot. Hij is een fervente liefhebber van het spelletje. Dat triggerde me en dus ben ik er in het voorjaar van 2025, ruim een jaar geleden, ook mee begonnen. Het duurde niet lang voordat ik er echt helemaal in op ging, andere renners erover vertelde en hen probeerde even enthousiast te maken. Intussen heeft het grootste deel van het peloton wel een account op Squadrats en is het een hype geworden. Ik vrees dat ik daar voor een deel aan bijgedragen heb.” (lacht)

Waarom zijn wielrenners er zo verzot op?
“We zitten elke week vele uren op de fiets en leggen zo heel veel kilometers af, vaak in dezelfde omgeving. Het grote succes bij wielrenners zit erin dat we nu de dagelijkse sleur kunnen doorbreken. Voor de komst van Squadrats reden we heel vaak dezelfde trainingsroutes. Je wist perfect hoeveel kilometer een bepaalde route inhield en hoelang je onderweg zou zijn. Maximaal een keer of 10 per jaar stippelden we een andere route uit om te volgen, vaak omdat we een specifiek doel hadden. Sinds Squadrats maken we voortdurend nieuwe routes of rijden we naar bepaalde zones waar we nog vierkanten willen behalen.”

Leg je nu je trainingen af in functie van Squadrats?
“Voor alle duidelijkheid, als er een intervaltraining op het programma staat, dan zoek ik nog altijd de dijken, kanalen of rechte wegen op om die training zo goed mogelijk af te werken. Het zijn vooral de lange duurtrainingen waar er variatie mogelijk is. Dan is het niet zo belangrijk om rechte wegen te hebben, dus daar sluipen nu vaker bochten in het parcours. De intervaltrainingen doe je meestal alleen, maar voor die lange trainingen zoek je wel vaak gezelschap op.”

Wie zijn dan jouw partners in crime?
“Vierkanten jagen doe ik tegenwoordig het vaakst met Brent Van Moer (Pinarello Q36.5, nvdr.) en Sander De Pestel (Decathlon CMA CGM, nvdr.), ook twee profwielrenners. Dan zet ik op de computer onze kaarten op Squadrats open om te zien waar er nog ontbrekende vierkanten zijn om onze übersquadrat te verbeteren en dan teken ik op die manier een route uit. Zo is het voor iedereen een win-win. Al vindt mijn vriendin dat een heel idioot zicht en begrijpt ze niet waarom wij zo van dit spelletje houden. Ik heb dus nog niet iedereen kunnen overtuigen.” (lacht)

Wat is de beste tactiek om veel vierkanten te verzamelen?
“Een sport beoefenen waardoor je de hele wereld ziet, helpt natuurlijk. Wielrenners komen op veel verschillende plaatsen in de wereld en doorkruisen daar hele landen. Daarom staan we zonder veel bijkomende moeite hoog in de ranglijst van Squadrats. In mijn geval blijkt verhuizen ook een goede zet. Toen ik in Mol woonde, vertrokken we vaak van daaruit naar alle windstreken, zowel richting noorden als naar Tongeren of de Ardennen. Dus die regio heb ik volledig gecoverd. Mijn vriendin komt uit Kruibeke en vorig jaar zijn we dan gaan samenwonen in Antwerpen-Zuid. Nu heb ik een volledig nieuw terrein om verder in te palmen. Tegenwoordig fiets ik dus vaker naar het Waasland of het noorden van Antwerpen. Richting Breda liggen er voor mij nog heel wat vierkanten te rapen.”

Is Squadrats dan enkel interessant voor professionele sporters?
“Dat denk ik niet. Natuurlijk is het voor mensen die regelmatig reizen gemakkelijker om vierkanten in de hele wereld te scoren. Maar het hoeft geen competitie te zijn. Je kunt Squadrats ook gebruiken om te zien waar je in de wereld al geweest bent, zolang je er maar een activiteit hebt geregistreerd. Of om je eigen land op een andere manier te ontdekken. Naast de grote vierkanten zijn er ook kleinere vierkanten, de squadratinho’s. Die zijn voor fietsers minder interessant, maar wel voor wandelaars omdat ze zo een fijnmaziger terrein moeten afwerken. Zo kan je ook je eigen omgeving beter leren kennen.”

Wat is de vreemdste plaats waar je al een vierkant gescoord hebt?
“Het is niet meteen een vreemde plaats, maar ik heb wel eens op de luchthaven van Zaventem mijn Strava opgezet, zodat ik een activiteit kon registreren. Zo kon ik daar een ontbrekend vierkant aanvinken. Tijdens de Scheldeprijs namen we de Westerscheldetunnel en zo scoorde ik dus ook een vierkant in het water. Dat zijn vierkanten die anders moeilijk bereikbaar zijn.”

Heb je al eens risico’s genomen om in een vierkant te geraken?
“In de reglementen van Squadrats staat dat je enkel op openbaar toegankelijke terreinen mag komen. Daar probeer ik me wel aan te houden, want ik vind het ook weer niet nodig om onverantwoorde risico’s te nemen. Maar met Sander ben ik wel eens op een industrieel terrein beland waar er nog een vierkant te halen was. Toen zijn we door een bewakingsagent tegengehouden. Hij vertelde ons dat hij sinds enige tijd regelmatig fietsers op het terrein moest tegenhouden, maar hij wist niet hoe dat kwam. Wij dus wel.” (lacht)

Zijn er gebieden waar je écht nog eens graag wil komen?
“Bij iedereen staan de militaire gebieden en de industriezones in de havengebieden met stip bovenaan. Het is dus wachten op een opendeurdag om daar te kunnen gaan wandelen en een activiteit te registreren. Fervente Squadratters gaan daar zeker gebruik van maken. Voor mezelf is het Brussels gewest nog een groot te veroveren gebied. Maar dat is ook niet meteen de meest aangename omgeving om te gaan fietsen. De jaarlijkse autoloze zondag zou dan een uitgelezen kans zijn, maar die datum valt op een slecht moment in het wielerseizoen, dus dat is nog geen optie geweest. Misschien moeten ze daar eens een profkoers organiseren!”

Foto’s: Ward Vanhoof

Meer lezen van Annelies Vrints
Meer lezen over
sport

Meer Bijzondere trends

Wil je op de hoogte blijven?

Abonneer je op onze nieuwsbrief en ontvang elke maand een overzicht met de belangrijkste nieuwsberichten.