Opvallende bezigheden

Marc Thijs wil lotgenoten met sepsis helpen

Gepubliceerd: 27 januari 2026  |  Door: Peter Briers  |  Onderox editie: 260

WIEKEVORST — Van de naar schatting 40.000 Belgen die jaarlijks worden getroffen door sepsis, kan één op vijf het niet navertellen. De aandoening kostte Marc Thijs (67) zijn beide onderbenen, toch staat hij nog positief in het leven. “In 2026 wil ik mijn ervaringen delen met lotgenoten. Uit dankbaarheid, omdat ik zelf veel geluk heb gehad.”

Sepsis wordt als ziektebeeld nog vaak over het hoofd gezien, maar voor patiënten valt de aandoening niet te onderschatten. “Zelf kreeg ik een eerste signaal in februari 2024, de dag voor mijn verjaardag”, vertelt Marc Thijs. “Ik was bezig met de voorbereidingen voor het feestje, tot een hevige opstoot van koude rillingen mij te pakken kreeg. Door de pijnstiller die ik nam leek het ongemak verdwenen, maar de volgende ochtend werd ik wakker met pijn in mijn voet. Een jichtopstoot, dacht ik, maar toen zelfs een injectie van mijn huisarts de pijn niet deed verdwijnen, besefte ik dat het erger was dan dat.”

Diezelfde middag belandde je nog op de spoedafdeling.
Marc Thijs: “Klopt. Het is snel gegaan nadat hoge ontstekingswaarden in het bloed en een ontsteking in de voet werden vastgesteld. Ik was nog bij bewustzijn, maar na mijn overplaatsing naar de intensieve afdeling ben ik in een coma geraakt. Ik ben toen een eerste keer getroffen door een septische shock, waardoor mijn organen uitvielen. Op dat moment begon voor mij een ware doodsstrijd. Voor mijn familieleden was het zo mogelijk nóg erger: zij werden tweemaal opgetrommeld omdat even vaak werd gevreesd voor mijn leven. Voor hen heb ik alleen maar respect. Wat zij voor mij betekend hebben, valt met geen woorden te beschrijven.”

In het ziekenhuis kreeg je ketamine én morfine toegediend. In welke mate heeft dat geholpen?
“De medicatie nam de pijn weg, maar zorgde voor nachtmerries. De waanbeelden die ik dagenlang zag passeren waren onmenselijk. Even leek het erop dat iemand mij om het leven wilde brengen met een speer. Die kwam in mijn voet terecht. Op dat moment ben ik ontwaakt. Ik herinner me nog dat er artsen rond mijn bed stonden met een verschrikkelijk dilemma. De sepsis was in die mate gevorderd dat ze mijn linkse onderbeen en de tenen van mijn rechtervoet al hadden geamputeerd. Ik moest beslissen wat er met mijn rechtervoet zou gebeuren. Uiteindelijk hebben ze ook dat onderbeen weggehaald. Ik had geen keuze.”

Van een gezonde toestand naar een leven zonder benen, wat doet dat met een mens?
“Ik heb beide amputaties snel kunnen verwerken. Ik was vooral opgelucht dat ik nog leefde, dat ik mijn kleinkinderen Fran en Lou nog kon terugzien. Of ik psychologische begeleiding nodig had, vroeg de arts. ‘Goed, maar alleen door iemand die ook beide onderbenen verloren heeft en mij begrijpt’, heb ik geantwoord. Over die begeleiding heb ik nadien niets meer gehoord. (lacht) Wat mij uiteindelijk gesterkt heeft? De toewijding van het verplegend personeel en de bezorgdheid en liefde van mijn familie, vrienden en collega’s. Iedereen was onder de indruk van de positieve manier waarop ik mijn situatie benaderde. Ik heb geen moment geklaagd. Ik wil het niet makkelijk doen klinken, maar het is de waarheid. Ik was twee ledematen kwijt, maar gelukkig niet mijn leven.”

Na de amputatie volgde de revalidatie. Hoe is die verlopen?
“Mijn revalidatie bij RevArte in Edegem heeft zo’n vier maanden geduurd. Op de eerste dag kwam ik in contact met mensen die ‘maar’ één been waren kwijtgespeeld en dat al moeilijk vonden. Toen heb ik mezelf afgevraagd of het mij wel zou lukken. Op dat ogenblik heb ik besloten er volledig voor te gaan, zonder te weten wat mij te wachten stond. Het moment waarop ik mijn prothesen voor de eerste keer kon dragen, dat vergeet ik nooit meer. Na de eerste week liep ik al met krukken, een week later met wandelstokken. Anderhalve maand verder kon ik vlot stappen. Ik maakte elke dag vooruitgang, iets wat andere patiënten heeft aangemoedigd. Niet moeten revalideren is natuurlijk beter, maar we hebben er samen wel het beste van gemaakt. Soms met een lach, soms met een traan.”

Je overleefde twee septische shocks en revalideerde opvallend snel. Was dat een medisch wonder?
“Een medisch wonder ben ik hoegenaamd niet. Ik heb wel ervaren dat een positieve instelling een mens sneller kan doen genezen. Ik heb mijn revalidatie altijd als een uitdaging beschouwd. Katrien — een topkinesiste — heeft me altijd aangemoedigd en op een positieve manier gepusht om mijn grenzen op te zoeken. Dat had ik nodig.”

Na een amputatie duikt vaak fantoompijn op. Ben je daaraan ontsnapt?
“Helaas niet. Vandaag voel ik mijn voeten nog altijd en dikwijls gaat dat gevoel gepaard met fantoompijn. Eind vorig jaar heb ik me voorgenomen om een streep te trekken onder de medicatie tegen die pijn en er niet langer aandacht aan te schenken. Vraag me niet hoe, maar dat plan heeft gewerkt. Ik voel het nog altijd, maar ik reageer er niet langer op.”

Hoeveel tegenslag kan een mens hebben? Hoe vaak heb je dat te horen gekregen?
“Heel vaak. Als mensen dat zeggen, ben ik de eerste om hen te corrigeren. ‘Integendeel, ik heb geluk gehad’, zeg ik dan. Kanker moeten trotseren of verlamd zijn en godganse dagen in een rolstoel moeten doorbrengen, die dingen zijn veel erger. Sterker nog, wat ik heb meegemaakt heeft me verrijkt en mij de kans gegeven om de sterkste versie van mezelf neer te zetten.”

Zou je het geloofd hebben, als iemand jou dat op voorhand had gezegd?
“Neen. Als ze mij twee maanden voor de aanval van sepsis gezegd zouden hebben dat ik beide onderbenen zou verliezen, tweemaal de dood in de ogen zou kijken en veertig dagen zou doorbrengen op de intensieve afdeling, zou ik dat voor onmogelijk hebben gehouden. Ik heb nooit geweten dat ik over zoveel wilskracht beschik. Ik sta nu ook anders in het leven. Ik maak me niet meer druk over onbenulligheden en ben niet langer bang voor de dood.”

Er staat jou in 2026 een nieuwe uitdaging te wachten. Vertel eens.
“Fietsen! Ik heb altijd graag gefietst, maar sinds de amputaties was dat helaas uitgesloten. Tijdens de revalidatie was zelfs een sessie op de hometrainer al te hoog gegrepen. Daar komt binnenkort gelukkig verandering in. Ik werk nauw samen met een producent van prothesen en heb een paar concrete suggesties gedaan. Door die aanpassingen sta ik binnenkort weer op de trappers. Weliswaar op een driewieler, maar het is wel een nieuw doel dat ik zal bereiken. Eén ding staat vast: ik ga van elke rit genieten.”

Zoveel positivisme en volharding, dat was blijkbaar ook RevArte niet ontgaan.
“Dat klopt. Het revalidatiecentrum wordt vaak geconfronteerd met mensen die diep in de put zitten en moeite hebben met hun herstelproces. Die lotgenoten moed kunnen inspreken, als ervaringsdeskundige, daar wil ik in de toekomst tijd voor vrijmaken. Ik wil mijn ervaringen delen.”

Wat mogen we jou verder nog toewensen?
“Ik moet niet per se geluk hebben. Geen tegenslag, daar zou ik al heel blij mee zijn.”

MEER INFO
www.sepsibel.be

Foto: Marc Thijs

Meer lezen van Peter Briers
Meer lezen over
maatschappij

Meer Opvallende bezigheden

Wil je op de hoogte blijven?

Abonneer je op onze nieuwsbrief en ontvang elke maand een overzicht met de belangrijkste nieuwsberichten.