Opvallende bezigheden

Evy Ferrari: Biedt psychosociale hulp vanuit het Rode Kruis Vlaanderen

Gepubliceerd: 24 februari 2026  |  Door: Annelies Vrints  |  Onderox editie: 261

HERENTALS – Al meer dan 15 jaar staat Evy Ferrari klaar om betrokkenen bij rampen bij te staan. Pukkelpop, de treinramp in Buizingen of de aanslagen in Brussel, Evy en haar team waren er telkens bij. Haar team, dat is de dienst voor Dringende Sociale Interventie van Rode Kruis Vlaanderen.

Iedereen kent het Rode Kruis, maar de naam Dringende Sociale Interventie of DSI doet geen belletje rinkelen.
Evy Ferrari: “Het Rode Kruis is een enorm grote organisatie, waarvan de lokale hulpdiensten uiteraard de grootste en daardoor meest bekende groepen zijn. In tegenstelling tot hen, is DSI provinciaal georganiseerd en zijn we met onze 57 geëngageerde vrijwilligers een relatief kleine groep. DSI biedt psychosociale ondersteuning in de acute fase van een ramp. Daarnaast is er ook een administratieve component om mensen te registreren en zo mee te zoeken naar wie vermist is. Samen worden we bijvoorbeeld ingezet in een onthaalcentrum bij een ramp, waar getroffenen opgevangen en geregistreerd worden.”

Jullie worden opgeroepen bij rampen. Maar wanneer spreek je over een ramp?
“In de rampenplanning valt het Rode Kruis onder de medische tak, Discipline 2. Elke keer er een medisch interventieplan wordt afgekondigd, krijgen de hulpdiensten van het Rode Kruis, en dus ook wij van DSI, dat alarm binnen. Het is dan de psychosociaal manager van de FOD Volksgezondheid die beslist of wij een team moeten afvaardigen of niet. Maar ook zonder dat MIP kunnen we gevraagd worden bijstand te leveren. Er zijn bijvoorbeeld samenwerkingsverbanden met jeugdverenigingen, zoals Scouts en Gidsen Vlaanderen. Stel dat er op kamp een ongeval gebeurt, dan kan het zijn dat we begeleiding voorzien.”

Werken jullie dan volledig apart van de lokale afdelingen?
“We werken vooral samen met de lokale Rode Kruisafdelingen tijdens festivals en evenementen, wat wij preventieve inzetten noemen. Daar is vaak psychosociale hulp nodig om mensen die over hun toeren raken of partners van slachtoffers te begeleiden. Daarnaast bieden we ook ondersteuning aan de hulpverleners zelf, bijvoorbeeld wanneer ze betrokken waren bij een reanimatie, wat altijd een impactvolle ervaring is voor vrijwilligers.”

DSI is niet zo bekend, hoe ben jij daar dan terechtgekomen?
“Ik was 27 jaar en al jarenlang vrijwilliger als groepsverantwoordelijke bij Krefi en Kazou. Op dat moment had ik net mijn eigen praktijk gestart en gaf ik les. Ik was toe aan een andere uitdaging als vrijwilliger en zocht iets met maatschappelijk engagement. Heel toevallig zag ik toen een oproep van DSI passeren op Facebook. Omdat ik maatschappelijk assistent van opleiding ben, kwam ik in aanmerking om bij het team te komen.”

Vertel eens over de eerste plaats waar je naartoe gestuurd bent.
“Mijn eerste inzet was geen ramp en zeker niet spectaculair. Op een bivak waren een aantal scoutsleden zo ziek geworden dat ze in het ziekenhuis waren beland. Wij waren naar het ziekenhuis gegaan om de ouders op te vangen die naar daar kwamen. Dat was het. Maar al snel daarna kwam de tweede inzet en dat was een échte ramp, namelijk de storm op Pukkelpop. Toen hebben we met ons team het telefonisch informatiecentrum bemand. Daar kregen we ongeruste mensen aan de lijn, maar even goed festivalgangers van wie de tent onder water gelopen was of medewerkers van consulaten die op zoek waren naar informatie over slachtoffers. Toen heb ik voor het eerst gemerkt hoeveel solidariteit er ontstaat na een ramp. Via Facebook werd er meteen heel veel hulp aangeboden: garages om te overnachten, maaltijden voor de vrijwilligers of helpende handen op het terrein.”

Welke gebeurtenis heeft de grootste indruk op jou gemaakt?
“Dat zijn de aanslagen in Brussel in maart 2016. Die dag – en ook nacht – vertoefde ik in een hotel in de buurt van de luchthaven om familieleden van slachtoffers op te vangen. Op een gegeven moment belandden ook gestrande reizigers in dezelfde ruimte. Zo ontstond er een heel dubbele situatie: aan de ene kant had je familieleden die mogelijk een overlijden zouden moeten verwerken en aan de kant reizigers die zich er druk over maakten dat alle vluchten geschrapt waren. Zo’n spreidstand maakte het allesbehalve gemakkelijk om iedereen de gepaste ondersteuning te bieden. Ik mocht de dag nadien van mijn werkgever niet afwezig blijven van school, dus toen ben ik ’s ochtends in mijn Rode Kruisuniform afgezet aan school om les te geven. Het gemopper over alledaagse ergernissen verstomde toen heel snel bij collega’s en leerlingen, kan ik je zeggen. Weet je, ik heb die dag heel intens samengewerkt met Isabel van het Emergency Care Team van de luchthaven van Zaventem. Dat was één dag, maar het schepte zo’n band dat we elkaar sindsdien altijd een berichtje sturen op 22 maart. Wie betrokken was bij de aanslagen en de hulpverlening daar kan er niet niet aan denken. Binnenkort is het 10 jaar geleden, dus dan zullen de verhalen weer volop naar boven komen.”

Je staat als vrijwillig psychosociaal hulpverlener niet in de frontlinie van de ramp, maar toch hoor en zie je zaken die indruk maken. Kan je dat gemakkelijk van je afzetten?
“Het is nonsens om te denken dat je alles kunt loslaten. Tijdens onze opdracht zijn we professioneel. Maar natuurlijk word je als mens geraakt en daar gaat iedereen op zijn eigen manier mee om. Ik vind het vooral heel verrijkend en een voorrecht om te zien hoe veerkrachtig slachtoffers zijn, hoe ze het gebeuren verwerken en hun leven opnieuw zinvol invullen. Trouwens, de kracht van DSI is ook dat we een team zijn. We gaan nooit alleen op pad, maar zijn in dergelijke uitzonderlijke omstandigheden samen met anderen. Zo kan je ervaringen delen, maar ook verwerken. Al moet ik wel zeggen dat ik mijn kinderen vaak instructies geef over waar ze in een bus moeten gaan zitten of zal ik ongerust zijn wanneer ze op kamp zijn. Net omdat ik besef wat er kan mislopen.” (lacht)

Wanneer je zulke grote rampen meemaakt, kan je dan nog voldoening krijgen bij eerder eenvoudige opdrachten?
“Uiteraard! Het zijn vaak net die kleine voorvallen waar je ervaart dat je een verschil kunt maken. Zo denk ik aan een editie van Graspop waar we een zwangere vrouw bijgestaan hebben die dacht een miskraam te hebben. We hebben haar en haar man geholpen met praktische zaken, zodat ze naar het ziekenhuis konden geraken. Zes maanden later kreeg ik ineens een berichtje van deze vrouw om te laten weten dat ze bevallen was. Het raakte me dat ze blijkbaar toch aan ons had gedacht en de moeite nam om te laten weten dat alles goed gekomen was. Dan weet je dat je werk zin heeft en ertoe doet.”

Kan iedereen die interesse heeft, toetreden tot DSI?
“Wie de nodige competenties heeft in enerzijds psychosociale hulpverlening of anderzijds in administratie en organisatie, kan zich kandidaat stellen. Blijkt uit het kennismakingsgesprek dat we denken dat er een match is met onze werking, dan nodigen we je graag uit om de opleiding te volgen. Zo mogen we elk jaar nieuwe geëngageerde vrijwilligers ontmoeten. DSI Antwerpen is een warm en gezellig team, dus aarzel vooral niet om ons te leren kennen!”

MEER INFO
Wie meer wil weten over de rampenwerking van het Rode Kruis Vlaanderen, kan terecht op: www.rodekruis.be/wat-doen-we/hulp-in-vlaanderen/hulp-bij-rampen

Foto’s: Annelies Vrints en Rode Kruis Vlaanderen

Meer lezen van Annelies Vrints
Meer lezen over
maatschappij

Meer Opvallende bezigheden

Wil je op de hoogte blijven?

Abonneer je op onze nieuwsbrief en ontvang elke maand een overzicht met de belangrijkste nieuwsberichten.