Wil je op de hoogte blijven?
Abonneer je op onze nieuwsbrief en ontvang elke maand een overzicht met de belangrijkste nieuwsberichten.
ARENDONK — Waar de meeste mensen bij een gure windvlaag de kraag van hun jas extra hoog optrekken, begint het bij Kevin Raeymaekers (37) dan net te kriebelen. Als molenaar op de Toremansmolen in Arendonk is hij – letterlijk en figuurlijk – in de ban van de wind. Kevin ziet in de molen een machine die smeekt om beweging. "Zodra die wieken draaien, word ik spontaan vrolijk”, lacht hij. "En ik ben niet de enige: vanaf dat de deuren openstaan, komen er altijd voorbijgangers langs om even kijken of een praatje te maken."
Kevin, jouw stamboom ligt vol molenstof. De familie lijkt wel onlosmakelijk verbonden met Kempische molens. Hoe ver gaat die geschiedenis eigenlijk terug?
Kevin Raeymaekers: "Heel ver, het zit echt in ons DNA. Ik heb thuis een stamboom aan de muur hangen waarop alle voorvaderen en verre familieleden staan weergegeven, inclusief de specifieke molens die ze generaties lang hebben uitgebaat. Dat overzicht gaat vele generaties terug en omvat niet alleen molens in Arendonk, maar ook in de omliggende buurgemeenten. Je zou kunnen zeggen dat er bij ons geen bloed, maar geslagen smout door de aderen stroomt.” (Glimlacht)
Je doet dit niet in je eentje, de molen lijkt haast een familiebedrijf zonder winstoogmerk.
"Klopt. Samen met mijn broer Raf en onze vader Peter vormen we de harde kern die de Toremansmolen vandaag nog actief beleeft en draaiende houdt. Hoewel veel andere familieleden zich nog steeds nauw verbonden voelen met de molen en regelmatig langskomen voor een praatje of een pintje, zijn wij degenen die het ambacht echt nog uitvoeren. Van mei tot september zorgen we dat de molen elke laatste zondag van de maand open is, maar we brengen hier heel wat meer tijd door. Het vraagt veel tijd om zo’n molen 'levend' te houden. Maar die tijd hebben we er graag voor over. Het molenaarsleven is ons met de paplepel meegegeven.”
Je spreekt over 'levend houden', maar echt graan malen voor de bakker, dat lukt hier niet meer. Waarom is dat?
"Om goed te kunnen malen, heb je ‘vrije windvang’ nodig. Er bestaat een eeuwenoude wet die stelt dat er in een straal van 200 meter rond een molen niets mag staan dat de wind belemmert. Geen gebouwen, maar ook geen bomen. Maar sinds de molens in de loop van vorige eeuw geen economische waarde meer hadden, gingen gemeentebesturen meer en meer door de vingers zien. In de praktijk is de onmiddellijke buurt van de Toremansmolen bebouwd en staan er bomen die de wind breken. Dat zorgt voor turbulentie: de windkracht op de wieken varieert daardoor te veel en dat heeft een directe, negatieve impact op de korrelgrootte van het meel. Graan malen tot meel is hier dus onmogelijk geworden, maar we slaan wel nog af en toe olie. Dat is een prachtig proces waarbij je de kracht van de natuur echt voelt werken."
Je bent hier opgegroeid en kreeg molenaarskennis mee van je grootvader, maar toch volg je momenteel weer een officiële opleiding. Waarom is dat nodig?
“Mijn broer Raf en ik hebben inderdaad de cursus tot meester-molenaar gevolgd: twaalf lessen van een volledige dag over de complexe theorie van de molen en het malen. Nu moeten we nog 125 stage-uren volgen in een andere molen om ons diploma te krijgen. Ondanks dat ik hier al rondloop vanaf het moment dat ik kon lopen, leerde ik in die cursus tijdens elke les wel iets bij. Iedere molen is technisch uniek: ze hebben elk hun eigen karakter en kuren. Het is voor mij ook een manier om in contact te komen met andere molenaars om probleempjes met elkaar te bespreken. Het voelt niet echt al een opgave want ik hou van techniek en van de historische waarde. Techniek en geschiedenis, daar sta ik in deze molen middenin."
Zoveel molenaarsgeschiedenis, dat levert ongetwijfeld ook wel wat straffe familieverhalen op. Wat is zo het strafste verhaal van de molenaars uit de familie Raeymaekers?
(Denkt na) “Vroeger kende men geen VCA-veiligheidscertificaten. De ongeschreven regel was simpel: als je ergens tussen een tandwiel geraakte of van de gaanderij viel, dan was dat je eigen schuld. Vandaag zijn we gelukkig veel voorzichtiger, maar de familieverhalen blijven straf. Zo is één van mijn voorvaderen ooit gegrepen door een wiek en een aantal keren volledig mee rondgedraaid. Volgens de overlevering is hij toen vanaf de wiek op de kap van de molen gesprongen. Terwijl hij daar doodsangsten uitstond op die kap, is een voorbijganger een ander familielid gaan halen die de molen kon stilleggen."
Heeft dat invloed op hoe jij vandaag te werk gaat?
"Reken maar van wel! Dat verhaal zit in mijn achterhoofd gegrift en daarom zal je mij nooit op de wieken zien klauteren zonder dat het echt nodig is. Met een handige knoop-techniek kan je de zeilen die op de wieken hangen vanaf de grond openen. Sommige collega-molenaars klimmen nog in de wieken, maar ik vind het simpelweg veel te gevaarlijk. Veiligheid gaat voor alles, ook bij erfgoed."
Wat is voor jou de grootste voldoening van deze hobby?
"Het sociale aspect en de vrolijkheid die de molen uitstraalt. Vanaf het moment dat die wieken draaien en de deuren openstaan, trekt dat volk aan. Mensen stoppen voor een praatje, kinderen kijken hun ogen uit naar de draaiende raderen. Dat toont aan dat de Toremansmolen nog steeds leeft in het dorp. Het is een herkenningspunt dat mensen verbindt. Als vrijwillige molenaars zorgen we er mee voor dat de traditie kan worden voortgezet en dat deze unieke molen blijft leven. Dat er mensen zijn die van ver speciaal tot hier komen om onze molen te bezoeken geeft me een enorme boost. Ik hoop dat we het molenaarsbloed ook nog kunnen doorgeven aan volgende generaties.”
MEER INFO
De Toremansmolen is eigendom van de gemeente Arendonk en is vrij te bezoeken elke laatste zondag van de maanden mei tot september. Scholen of groepen kunnen het monument ook bezichtigen na afspraak.
Abonneer je op onze nieuwsbrief en ontvang elke maand een overzicht met de belangrijkste nieuwsberichten.