Ga naar inhoud
Onderox
Terug naar overzicht

75 jaar bevrijding: vreugde en verdriet in de Kempen

GEEL/BALEN/MOL — In september 2019 is het precies 75 jaar geleden dat ons land door de geallieerden bevrijd werd van het juk van de Duitse bezetter. Dat wordt overal groots herdacht, net als de heroïsche invasies. Minder aandacht is er voor het slagveld in en om Geel, nochtans historisch een belangrijke fase in de Tweede Wereldoorlog. Maar daar komt verandering in. Gorik Goris (Geel), Bram Dierckx (Balen) en Gil Geerings (Mol) zetten dit jaar de Kempense oorlogsgeschiedenis voorgoed op de kaart.

Er moet toch een verklaring zijn waarom de strijd in de Kempen door iedereen wordt vergeten? Gil Geerings (36): “Tijdens de landing van Normandië is er enorm strijd geleverd maar als de geallieerden daarna verder oprukken richting België, blijven de verliezen beperkt. Pas in de Kempen worden ze opnieuw geconfronteerd met de slagkracht van het Duitse leger. Maar geen enkele divisie ként de Kempen. De ene spreekt over Geel, de andere over Ten Aard maar ze leggen het verband niet. En in de Duitse berichtgeving wordt de hele regio herleid tot gevechten in ‘die Niederlande’.  Maar het was wel aan onze kanalen dat het voor de geallieerden al begon mis te lopen. En toen de oorlog  voorbij was, heeft Geel de achtergelaten tanks verkocht als schroot en werd de veldslag vergeten, terwijl de Shermans na het Ardennenoffensief in Bastogne op een ereplaats werden gezet.”

De geschiedenis
In 2016 schreef historicus Gorik Goris (55) mee aan het boek ‘De Kempen Bevrijd, 1944’. Hij is de geknipte man om de vergeten slag van Geel in een notendop uit te leggen. Gorik: “In de hele bevrijdingsgeschiedenis van de Kempen heb je drie fases. Wanneer de geallieerden uit Normandië breken, betekent dat voor de Duitsers de terugtocht. Ze worden achtervolgd tot aan het Albertkanaal. De geallieerden hebben echter problemen met hun bevoorrading die vanuit Normandië moet komen. De Duitsers hebben zich gereorganiseerd en bijten o.a. in Geel van zich af. In een tweede fase ontvouwt de Britse bevelhebber Montgomery zijn plan Market Garden, nl. via de grote rivieren langs Eindhoven, Nijmegen en Arnhem doorstoten tot in Duitsland. De gevechten in Geel Ten Aard, waar vooral Schotten aan deelnemen, moeten de linkerflank dekken. De Duitsers verwachten een aanval in de richting van Antwerpen en de haven. Tot hun grote verrassing is de aanval dus in de andere richting. Ze blijven echter niet lang in het ongewisse want wanneer een geallieerd vliegtuig neerstort, vinden ze de plannen van Market Garden gewoon op de buik van een officier. Dus proberen ze de Schotten in Geel Ten Aard al tegen te houden. Uiteindelijk trekken ze zich terug in de richting van Turnhout om zo hun verdedigingslijn in te korten en manschappen te winnen. De Duitse troepen die Geel Ten Aard verbeten verdedigd hebben, worden nu ingezet voor een flankaanval tegen de geallieerden die nog altijd Arnhem willen bereiken. Dat gevecht winnen zij en is meteen de belangrijkste reden waarom het plan van Montgomery mislukt is. Aan onze kanalen zijn de gevechten daarna zo goed als afgelopen. In een derde fase proberen de geallieerden de Scheldemonding te veroveren om de Antwerpse haven te kunnen gebruiken. De gevechten in de Noorderkempen situeren zich binnen die context. Ook hier bieden de Duitsers tot in november verwoed tegenstand. Als de geallieerden in onze regio één strategische vergissing gemaakt hebben, is het dat ze de Duitse verdediging danig hebben onderschat.”

Straffe verhalen
Achter elke veldslag zitten soldaten, gesneuvelden en families die lange tijd in onwetendheid achterblijven. Gil verdiepte zich in die persoonlijke verhalen, zocht families op en probeert namen en data op oorlogsmonumenten en kerkhoven te ontrafelen. Gil: “Er zitten straffe feiten bij. In mijn zoektocht ontdekte ik aan Sas 6 een verborgen monumentje. Het is er neergezet voor een Amerikaanse jongen die in Engeland werkte en zich vrijwillig wilde inschrijven bij het Britse leger. Maar omdat de Verenigde Staten toen nog niet betrokken waren bij de oorlog, werd hem dat geweigerd. Zijn ouders waren echter Canadezen, dus trok hij naar het Canadees aanwervingsbureau dat de Britten hadden ingericht omdat ze zelf veel strijdkrachten verloren hadden bij de landing in Normandië en Canada had er te veel. Aan Sas 6 is hij dan als Canloan officier gesneuveld. Hij is  begraven op het militair kerkhof van Kasterlee.” (Het is één van de verhalen die Gil heeft opgetekend voor het boek ‘Septemberhelden’, nvdr.)

Het drama van Balen
Ook Bram Dierckx (32) heeft zich verdiept in de oorlogsgeschiedenis van zijn dorp. Hij richt binnenkort een pop-up museum op in VC De Kruierie in Balen. ‘Balen Bevrijd’, maar ten koste van heel wat burgerlevens. Bram: “Tijdens de laatste dagen van de bezetting, tussen 6 en 13 september, zijn er in de Kempen 50 burgerslachtoffers gevallen, 21 van hen in Balen en Olmen. Wat we zien, is dat de geallieerde troepen een cirkelbeweging maken tussen de bruggenhoofden van Beringen en Geel. Balen en Olmen zitten daar middenin, ook het Duitse hoofdkwartier van generaal Chill in Olmen-Heivoort. Je kan raden dat de Duitsers in die gevangen situatie flink zenuwachtig worden en die frustratie werken ze uit op de burgers. Bij de kleinste overtreding van een regeltje, werden onschuldige Balenaars voor het vuurpeloton gezet. In ons pop-up museum willen we die geschiedenis vertellen en laten we een aantal voorwerpen zien die door de troepen zijn achtergelaten. Zo wordt de oorlog heel tastbaar. We richten ons vooral op de jongeren en hebben in het verleden samen met Erfgoed Balen ook al enkele schoolprojecten opgezet.”

Turnhout en Herentals
In de hele geschiedenis rond de bevrijding van de Kempen komen Turnhout en Herentals in beperkte mate voor. Gorik: “De Duitsers ontruimen het centrum van Turnhout, maar verschansen zich achter het kanaal. Daar wordt hard gevochten. Herentals kende zware artillerieduels tussen Duitsers en geallieerden. Ook Sint-Jozef-Olen deelde in de klappen. O.a. de Union Minière is herhaaldelijk gebombardeerd, terwijl de plaatselijke bevolking massaal onderdook in de schuilkelders bij de fabriek.”

Feest?
In september werd dorp na dorp verlost van de Duitse bezetter. Mol vierde feest, zij waren gespaard gebleven van zware gevechten. In Balen was het een schril contrast tussen de vreugde van de bevrijding en het verdriet om zoveel burgerslachtoffers. Geel had geen reden om te vieren. Gorik: “In de eerste uren dat de Engelsen in het centrum van Geel arriveerden, werden er wel bloemen en fruit uitgedeeld. De Duitsers zetten echter een succesvolle tegenaanval in. Als die zich toch terugtrekken, nemen ze uit vergelding voor vermeende aanslagen veel mannen mee uit het centrum. De achterblijvers bleven tot na de slag in het ongewisse over hun lot. Geel likte vooral zijn wonden. 140 burgers waren gesneuveld en een paar duizend gewond geraakt. Veel huizen raakten beschadigd. Na de bevrijding van het centrum werd er ook nog geruime tijd gevochten in Ten Aard. Het front bleef dus wezenlijk dichtbij. Eens de slag om Geel helemaal gestreden was, bestond dat dorp eigenlijk niet meer. Na de slag was het dus vooral de doden begraven en puin ruimen. Ook zorgde de volksrepressie tegen al dan niet vermeende collaborateurs voor onrust. En tussen de verschillende verzetsgroepen heersten ook spanningen. Voor wie de oorlog heeft meegemaakt, kwam het echte einde pas in 1945.”

Passie voor oorlog
Ook in vredestijd – wat dat vandaag ook mag betekenen – mag oorlog niet worden vergeten. Gorik, Gil en Bram hebben elk hun schouders gezet onder een programma voor hun stad of gemeente. Bram: “Maar samenwerken loont. Om de slag van Geel en alle gevolgen ervan voor de hele regio op een waardige manier te herdenken, hebben we de handen in elkaar geslagen. Natuurlijk kwam mijn interesse voor de oorlog vroeger dan bij de 75ste verjaardag. Als kind verzamelde ik al oorlogsmateriaal. Mijn eerste helm vond ik op een rommelmarkt en de verzameling groeit nog elke dag. Ik vrees dat het een microbe is waar je niet meer vanaf geraakt. Maar stilaan geraakte ik ook geïnteresseerd in de geschiedenis.” Gil: “Voor mij begon het toen ik op televisie iemand met een metaaldetector de bodem zag afschuimen. ‘Dat wil ik ook’, zei ik. Regelmatig ging ik met vrienden naar de Ardennen, waar ik drinkbussen, armbandjes, identiteitsplaatjes met een naam en serienummer vond. Ik zette ze niet in een glazen kast maar ging op zoek naar de soldaten aan wie al die objecten hebben toebehoord. En waar het kon, zocht ik naar hun familie. Toen ik minder tijd kreeg om naar de Ardennen te trekken, begon ik in onze Kempen te zoeken. En reken maar dat ook hier veel te vinden is. Het zijn telkens puzzelstukjes die passen in een groot geheel en bij elk nieuw stukje leg je nieuwe verbanden of komt er een heel nieuw verhaal bij.” Als historicus is Gorik sowieso al geïnteresseerd in onze oorlogsgeschiedenis. Gorik: “Toch wilde ik dieper graven, nagaan of wat geweten is wel helemaal klopt, of we nergens moeten nuanceren. Het zoeken naar wat er écht gebeurd is, dat is mijn drijfveer. En uiteraard om onze Kempense oorlogsgeschiedenis die zeker zijn belang had nu eens definitief de plaats te geven die ze verdient.”

Meer info
In september zijn er heel wat activiteiten om de Bevrijding van de Kempen te herdenken. In Mol stippelde Gil Geerings een fietsroute van 44 km uit in het spoor van de oorlog en de bevrijding. Op zondag 8 september is hij zelf gids, met vertrek aan Sas 6, Kanaal Bocholt-Herentals.  Het boek ‘Septemberhelden’ verschijnt op 2 september. Geel herdenkt de bevrijding met een tentoonstelling in De Halle, vanaf 14 september tot 27 oktober. Op 21 en 22 september is er een re-enactmentweekend. Balen concentreert haar activiteiten in het pop-up museum in VC De Kruierie, met opening op 14 september. Op www.kempen.be kan je de brochure met alle activiteiten over ‘De Provincie Antwerpen Bevrijd in 1944’ downloaden.

Tekst: Suzanne Antonis
Foto’s: Suzanne Antonis en archieven Geel, Mol en Balen


Reactie toevoegen

Velden met een * zijn verplicht.

Onderox?*