Ga naar inhoud
Onderox
Terug naar overzicht

Met elanden, vossen en reeën als buren

FJUGESTA/RETIE/VOSSELAAR — Ongeveer twee jaar geleden sloegen Marijn Hermans uit Retie en Bieke Dierckx uit Vosselaar, beiden dertig jaar, de deur van de Kempen dicht om zich te vestigen in Zweden. Samen met hun dochters Lenne en Lina, zes en drie jaar oud, zochten ze de rust en natuur op in de omgeving van Örebro. Omgeven door bosmeren en prachtige natuur hebben ze het er helemaal naar hun zin. “We komen liefst zo weinig mogelijk terug naar België. Enkel voor dringende familiale omstandigheden en frieten”, lacht Marijn.

Noem het gerust een jongensdroom. Uit de Belgische rat race stappen en je terugtrekken in de Zweedse natuur. In alle rust. In alle vrijheid. Genieten van de mooie dingen om je heen en trachten te voorzien in je eigen behoeften. Via een uitwisseling op school werden de nodige contacten gelegd. Zo woon je voor je het weet met je gezin in een klein Zweeds gehuchtje, op een oude boerderij, omringd door elanden, vossen, herten en noem maar op. Met heimwee naar België? “Absoluut niet!”

De keuze voor Zweden is een keuze voor vrijheid en natuur. Was het zo slecht in ons klein Belgenlandje?
Marijn Hermans: “Je kan niet zeggen dat de mensen in België het slecht hebben maar voor ons paste het niet. De lokroep naar meer vrijheid was te groot. Het hectische leven dat je jezelf oplegt is niets voor ons. Zeker vanaf de geboorte van onze kinderen wisten we dat we op een dag naar Zweden zouden komen.”
Bieke Dierckx: “Onze dochters hebben het hier perfect naar hun zin. Zij ervaren al de voordelen van het leven in Zweden. In België is de prestatiedruk al van kinds af aanwezig. Zowel op school als in sportverenigingen bijvoorbeeld. Wij hadden het gevoel dat ze het kind-zijn moesten overslaan en niet meer gewoon braaf en onschuldig konden zijn. Dat wilden we niet. Je wil je kinderen geen stress opleggen. En hier kan dat. Ze hebben trouwens het Zweedse leven, inclusief de taal, zeer snel eigen gemaakt. Het ravotten in de buitenlucht vinden ze fantastisch. En als ouder kan je dan niet anders dan mee genieten.”

Ondanks alle rust en vrijheid werken jullie ook gewoon in loondienst. Hoe ging die zoektocht?
Bieke: “Ik heb een diploma als kinderverzorgster en opvoedster en wou graag in dezelfde sector actief blijven. Dat is gelukt. Ik werk nu als pedagoge in een förskolan in Fjugesta. Vlakbij de deur dus. Een förskolan is een mix van een crèche en een kleuterschool, dus met kinderen van anderhalf tot zes jaar. Het is opvallend dat kleine kinderen gewoon buiten in de buggy slapen. Je zou dat niet verwachten bij die koude temperaturen. Maar dat vinden ze hier geen probleem. Met kleine kinderen maken ze dagelijks grote wandelingen, weer of geen weer. En die kleintjes slapen in de buggy, zelfs bij min tien graden. Ook aan förskolans zie je altijd buggy’s buiten staan waarin kleintjes liggen te slapen. En die worden niet ziek.”
Marijn: “Ik volgde de opleiding Landbouwtechnieken aan de Landbouwschool in Geel en werk nu als betonboorder in Örebro.”

Fjugesta is niet meteen het grootste dorp van Zweden. Hoe zijn jullie hier in godsnaam terechtgekomen?
Marijn: “Via een uitwisseling op school. Ik heb altijd contact gehouden met mijn stagebegeleidster van toen. Ik wist dat dit de één of de andere dag nog van pas zou komen. (lacht) Toen we de opties bekeken waar we zouden gaan wonen, wisten we dat we terug in deze streek zouden uitkomen. We zijn hier op een oude boerderij gebotst. Werkelijk een fantastische locatie. De boerderij dateert van eind negentiende eeuw en ligt op een domein van tien hectare, helemaal aan het einde van een onverharde baan. We hebben drie vijvers aan onze woning en we hebben het gezelschap van herten, vossen, elanden, dassen, hazen, alle mogelijke roofvogels, uilen en zelfs slangen. Er zitten ook veelvraten en wolven maar daar hebben we nog geen kennis mee kunnen maken. Met al de rest wel. Dus neen, wij moeten op zondag niet naar de dierentuin. We hebben er nu eentje in onze tuin.” (lacht)
Bieke: “De locatie is ook geografisch erg praktisch. We wonen op tweeëneenhalf uur van Stockholm, idem voor Oslo. Göteborg is drie uur rijden. Perfect. En we kunnen het niet genoeg herhalen. De natuur is extreem mooi. Bovendien ook erg uiteenlopend. Elke twintig kilometer zie je andere dingen. Dus als je vanaf de autosnelweg kijkt, lijkt er soms niets te zien. Maar als je dan de afrit neemt en een paar minuten blijft rijden, kom je in adembenemende scenario’s terecht.”

Naast die adembenemende natuur, wat geeft je hier het meeste rust?
Marijn: “Het leven in het algemeen gaat aan een veel rustiger tempo. Als bijvoorbeeld één van je kinderen ziek is, vindt je werkgever het heel normaal dat je alles laat vallen en voor je kind gaat zorgen. In België ben je dan toch veel sneller op ouders en grootouders aangewezen. Van dat gevoel wilden we echt af.”

Zijn er nog typische zaken van Zweden die we in de Kempen niet kennen?
Bieke: “Fika is ongetwijfeld het meest typische. Dit is een moment waarop je samen koffie drinkt en een hapje eet. Het is echt een heilig moment en kan op elk ogenblik van de dag georganiseerd worden. Niemand stelt dat in vraag. Dit gebeurt zeer veel onder familie en vrienden maar zelfs op het werk komt dit regelmatig voor. Elk koffiehuisje of zelfs winkeltje in de buurt speelt hier handig op in en biedt fika aan.”
Marijn: “Wat mij heel erg is bijgebleven is de lunch. Die is hier altijd warm. Wij vonden dit in het begin erg ouderwets, iets wat onze grootouders deden, maar het is iets wat we nu erg appreciëren. Zelfs op de bouwwerven vind je overal één of twee microgolfovens en elk dorpje heeft wel een zaak waar je ’s middags warm kan lunchen.”

Ik denk bij Zweden ook aan koude, gure winters. Correct?
Marijn: “Alles behalve. Koud, dat wel. Maar zo mooi. Minder werken of thuisblijven bij min 18° is er niet bij. Ook de bouw en constructiewerken gaan gewoon door. Thermisch ondergoed is dan wel je beste vriend. Maar als alles onder een dik warm wit dekentje ligt, krijg je echt niet het gevoel dat het donker is. Integendeel. Gewoon extra lagen aankleden en vooruit. Alleen baard en snor vriezen wat aan.” (lacht)
Bieke: “Ik vind het een zalig gevoel als je buiten diep inademt en je de indruk krijgt dat alles gereinigd wordt. Niets zo mooi als met je kinderen buiten lopen en in een deken springen om sneeuwengelen te maken. Ook in het weekend overdag de hot tub lekker warm stoken zodat je ‘s avonds na een winterbarbecue lekker in water van 39° kan sudderen en naar de vallende sterren kan kijken. Of proberen te raden welke dieren je hoort of ruikt. Op zo’n moment moet ik mezelf regelmatig knijpen om te zien of ik niet droom.”
Marijn: “Of de sleeën achter de quad, je schaatsen aantrekken om in je eigen tuin te gaan schaatsen, worstjes bakken over een vuurtje terwijl de hertjes achter je rug wandelen. Fantastisch toch.”

Er was ook een link met Dieter Coppens en De Warmste Week. Wat kan je daarover vertellen?
Marijn: “Met de actie ‘Down the Snow’ reisden Dieter en Kevin al liftend van de koudste plek van Europa naar de warmste, in Wachtebeke dus. Ze hadden een oproep gelanceerd op Instagram en Facebook voor een slaapplaats in de buurt van Örebro. Linde Swaans, ons nichtje, heeft ons én hen meteen gecontacteerd. Of ze ons gastenverblijf konden gebruiken? Uiteraard. Met veel plezier. Ik ben Dieter, Kevin en de ganse crew in Örebro gaan oppikken, hier ongeveer een veertig kilometer vandaan.”
Bieke: “Thuis aangekomen hebben we met z’n allen nog gekookt en gegeten en werden de opnames van de dag ge-edit en gepost. Het was echt een hele leuke ervaring. Ook voor hen, denk ik. De crew was supercontent dat ze eens deftige wifi hadden en een tafel met stoelen. Wat later op de avond is Marijn met Kevin nog een ritje gaan maken op de quad. Dat vond hij keigraaf. Jammer dat onze kindjes al sliepen want die hadden dit alles ook graag meegemaakt. En ’s anderendaags waren ze al naar school alvorens iedereen wakker was. Een beetje jammer.”
Marijn: “Die ochtend heb ik iedereen meegenomen naar het werk, waar we net kerstontbijt hadden. Daar hebben we rustig ontbeten en na een korte rondleiding heb ik hen afgezet aan de autosnelweg richting Malmö. Daar zijn ze beginnen te liften.”

Ik heb de indruk dat jullie het hier perfect naar jullie zin hebben. Maar er moet toch iets zijn wat je van België mist?
Marijn en Bieke: (in koor) “Frietjes met stoofvlees. En ouderwetse tentfuiven.”
Bieke: “Vooral vleesjes van de frituur.”
Marijn: “Waarschijnlijk het meest cliché antwoord op deze vraag maar het is echt waar. Of die typische smoskes die je alleen in Vlaanderen vindt. Heerlijk.”
Bieke: “Af en toe de familie dichtbij hebben, zou ook wel leuk zijn. Voor de gezelligheid uiteraard. Of om af en toe eens te babysitten. Soms ook handig.” (lacht)
Marijn: “Of om te helpen met de verbouwingen.” (lacht)
Bieke: “Verder zijn er weinig zaken die we missen. We komen ook heel weinig in België. We volgen het nieuws amper, een beetje op sociale media, maar daar blijft het bij. We kennen hier verder ook geen Belgen. Ik denk dat de dichtste Belgische kennis op 850 kilometer van hier woont. We kiezen daar ook bewust voor, ons zo goed mogelijk onder de Zweden begeven om zo snel te integreren.”

En dat lijkt prima te lukken. Veel succes nog.

Tekst: Peter Meulemans


Reactie toevoegen

Velden met een * zijn verplicht.

Onderox?*