Ga naar inhoud
Onderox
Terug naar overzicht

Annabelle en Djorven trekken de wereld rond

MOL – Annabelle Vergels en Djorven Ariën hebben een beestje in hun bloed dat viroloog Marc Van Ranst nog het best als reisontdekkingsvirus kan omschrijven. Ze leerden elkaar kennen op de set van ‘Komen Eten’, maar van een potje koken kwam al snel een fameus menuutje met een fikse kastrol reisgoesting. Dus fladderen ze rond tussen Steenboks- en Kreeftskeerkring en tussen Hammerfest en Vuurland. Wanneer komen ze terug? “Er is een potje met geld en eentje met goesting. En zo lang geen van beiden leeg is…”

Ze hebben elk 33 lentes op te teller. Al acht jaar zijn ze een koppel, een duo dat elkaar leerde kennen op de set van ‘Komen Eten’ waar ze allebei redactiewerk verrichtten. Djorven bleef er twee jaar en verkaste dan naar het Limburgse productiehuis ‘Het Beweegt’ als regisseur, cameraman en monteur. Annabelle bleef acht jaar in de buurt van de kookpotten en de pollepels, waarvan de laatste vier als regisseur. Een dik half jaar geleden gaven ze allebei hun job op om samen de wereld te verkennen. Nu zat reizen al langer in hun bloed, elk jaar werd er een maand uitgetrokken om Indonesië, Peru, Thailand, China of de Balkan te ontdekken. Daar kwamen ze telkens in contact met mensen die voor langere tijd hun reisrugzakje omgegord hadden. Een beetje gezonde jaloezie jeukte steeds weer feller bij elk straf reisverhaal en na even in de haren gekrabd te hebben – doen we het of doen we het niet? – werd de knoop doorgehakt: we gaan ervoor!

Vergt dergelijke reis een gedegen voorbereiding of is het louter improviseren?
Annabelle Vergels en Djorven Ariën: “Eerlijk gezegd, veel voorbereiding kwam er niet aan te pas. We zijn langsgeweest in het ziekenhuis voor de nodige inentingen. Ook ons visum voor Rusland regelden we in België, maar daar stopte het ongeveer. Wij vinden het juist fijn om onderweg alles te beslissen en te regelen. Zo blijven we flexibel en kunnen we gemakkelijk onze plannen aanpassen als we van andere reizigers verhalen horen over een plek waar je moet geweest zijn. Meestal komen we aan in een land en beginnen dan rond te kijken wat er zoal te beleven valt.”

Moet je eerst een spaarpotje aanleggen? Het blijft tenslotte een avontuur. Is het een trip volgens het oude principe van ‘een dollar per dag’?
“We hadden samen wat gespaard om een huis te kopen, maar toen kwam dat reisplan. Dus toch geen huis of in elk geval een veel kleiner, maar we hebben natuurlijk in ruil een schat aan herinneringen. Sommige mensen sparen jaren voor dergelijke reis, wij hebben pas een jaar geleden beslist. Een dollar per dag was nooit ons uitgangspunt. Mocht het kunnen, het zou meegenomen zijn, maar de praktijk is toch vaak anders. We proberen vooral te besparen op accommodatie, transport en eten. We willen alles zo goedkoop mogelijk houden. Dat betekent dat je soms al eens moet slapen in een locatie die veel weg heeft van een Oost-Europese legerkazerne. Maar over het algemeen valt dat nogal mee, het brengt je zeker dichter bij de lokale mensen en het echte leven. Op vlak van activiteiten en uitstappen doen we gewoon wat we willen. Het zou te zot zijn om naar China te gaan en de Muur niet te bezoeken omdat de toegangsprijs te hoog is.”

Hoe ziet jullie reisroute eruit? Hoe lang zijn jullie al onderweg en hoe lang blijven jullie nog weg?
“Eind april namen we het vliegtuig van België naar Budapest voor het trouwfeest van een neef. Daarna gingen we naar Polen, Oekraïne, Rusland, Mongolië, China, Vietnam, Cambodja, Laos en Thailand. Zonder één keer een vliegtuig te nemen. Tot nu toe deden we alles met de bus, de trein, een boot of al liftend. Hoe lang we nog zullen wegblijven is op dit moment zelfs voor ons een groot vraagteken.”

Welke beklemmende sites hebben jullie al gezien?
“Het mooiste land dat we tot nu zagen was zeker Mongolië. Die prachtige natuur, de bergen, de gletsjers, de canyons, de rivieren, de steppe, de wilde dieren,… Mensen leven daar nog zoals duizenden jaren geleden, nomaden in hun joert. Die leven puur van wat ze zelf kweken. Ze houden koeien en paarden, dus eerst drinken ze de melk. De uitwerpselen worden gebruikt als brandstof, daarna slachten ze de beesten. Het vel wordt gebruikt om kleren te maken, van de staart maakt men een touw. De beenderen worden gebruikt om spelletjes te spelen, niks gaat verloren. We kwamen al op heel wat indrukwekkende plaatsen: het Rode Plein, Auschwitz, het Baikal meer, de Chinese Muur, het terracottaleger, Halong Bay, Angkor Wat. Maar het mooiste aan reizen zijn niet de bestemmingen of de bezienswaardigheden. Het zijn de kleine, onverwachte dingen die je het meest pakken.”

Vertel!
“Een lift krijgen van een bus vol schoolkinderen die allemaal je naam schreeuwen, twee lekke banden hebben in Mongools niemandsland maar geholpen worden door een lokale nomade die met zijn brommer dienst doet als Touring. Een Chinese stationsbediende die stopt met werken om je naar je bestemming te brengen maar je eerst zijn huis wil tonen. Tijdens een zondvloed uitgenodigd worden door lokale marktkramers om te schuilen en een diner te krijgen. Nee, mensen bijten niet! Je raakt versteld hoe vriendelijk, gastvrij en behulpzaam ze zijn. Op die ene Cambodjaan na, die de handtas van Annabelle stal. Elk land heeft ons op een of andere manier gefascineerd. In Polen hebben we veel gelift. Spannend soms. We stapten een keer in bij een stoere, kale man met een dikke Audi. Hij had stapels cash geld in zijn broekzakken, maar bleek al jaren werkloos. Bleek dat we bij een drugsdealer in de auto zaten. Maar wel een vriendelijke, want hij zette ons netjes af op de plek die we gevraagd hadden. In Oekraïne deden we veel aan ‘couchsurfen’. We sliepen meestal bij de mensen thuis, dé manier om een land goed te leren kennen. We zijn wel geschrokken hoe arm Oekraïne is. Voor de Trans Siberische route door Rusland zaten we vier dagen onafgebroken in de trein. Door veel te lezen, te eten en Uno te spelen vloog de tijd voorbij. Zo een derde klasse treinwagon zonder airco ruikt na vier dagen iets minder fris en fruitig. Toen we na vier dagen een douche konden nemen, als we van de trein kwamen, deed echt wel deugd.”

Ik neem aan dat je op zo’n reizen heel wat boeiende personen ontmoet?
“Absoluut, in Mongolië leerden we zo Gantulga kennen, een Mongool die drie jaar in Nederland gestudeerd had. Hij sprak perfect Nederlands. Hij had twee weken verlof en is met ons het hele land doorgereisd. Normaal kun je dit enkel door een georganiseerde toer te boeken. Of in Rusland, waar we Gleb ontmoetten. Een rasechte Rus die vroeger Orthodox was maar zich bekeerde tot moslim. Want dan mocht hij met meerdere vrouwen trouwen. Hij had al twee vrouwen, maar hij wilde er nog drie bij. En Gleb had behoorlijk vrouwonvriendelijke gedachten, maar gelukkig was hij ook een man waarmee je kon babbelen. We konden het openlijk zeggen als we niet akkoord gingen. Hij luisterde naar ons en wij naar hem. Taboeloze gesprekken hebben we met die man gehad. Meerdere vrouwen hebben is trouwens echt niet overal uitzonderlijk. We kwamen bijvoorbeeld al in een traditioneel dorp in Laos. Daar trouwen meisjes op hun negende en worden er op hun dertiende moeder. Mannen hebben daar vaak tot zeven vrouwen. Als de man overlijdt ‘erft’ zijn broer of zijn vader al die vrouwen. Om te bevallen worden de vrouwen steevast verbannen naar het bos. Anders brengt dit ongeluk over het dorp.”

Hoe reageren de ‘locals’ op zo’n koppel wereldreizigers?
“Bijna altijd heel positief. Bij de Chinezen waren we bijvoorbeeld een echte attractie: ze wilden allemaal liever met ons op de foto dan met het prachtige natuurpark. Ze zijn daar gek van blanken, ze vinden onze huid en ogen zo mooi. Het is er vaak een wedstrijdje om met zoveel mogelijk blanken op de foto te staan.”

Valt de lokale keuken altijd mee? Of is het soms ogen dicht en slikken?
“De Vietnamese keuken vonden we de lekkerste tot nu toe. Waarom zijn er zo weinig Vietnamese restaurants in België? De reden waarom er geen Mongoolse restaurants in ons land zijn, is duidelijk. Het land is prachtig, maar over hun keuken valt niks te zeggen. Ze kennen maar één gerecht: noedelsoep. Maar vergeet de noedelsoep die jullie kennen. De Mongoolse noedelsoep bestaat uit water, noedels en gedroogd vlees. Omdat ze daar geen koelkasten kennen, wordt het vlees gedroogd. Daardoor wordt het taai en onaangenaam om te eten. Tussen twee stenen wordt het fijn gemalen. Zodra je een joert binnenkomt, overvalt die geur van gedroogd vlees je. De raarste dingen eten ze wel in China: vleermuizen, schorpioenen, embryo-eieren, spinnen, slangen,... Er is weinig dat ze niet eten.”

En dan heeft een mens voor Komen Eten gewerkt! Hoe zit het trouwens met de romantiek binnen de relatie?
“Daar hadden we eerlijk gezegd een beetje schrik voor. 24 uur op 24 op elkaars lip leven, wat ging dat geven? We hadden afgesproken dat, als we elkaar beu waren, we even voor een paar dagen of weken gingen splitsen. Maar dat is nog altijd niet gebeurd. Het gaat zelfs supergoed! Op de één of andere manier geraakten we vlot op elkaar ingespeeld en we vullen elkaar goed aan. Na acht jaar samen zijn, kunnen we best wel zeggen dat we tijdens deze reis op een ander level van onze relatie geraakt zijn.”

Uit bijzonder goed ingelichte bron laat ik me vertellen dat kleine Djorven als kleuter ongelooflijk precies en proper was. Twee onderbroeken in de rugzak, is dat niet wat weinig?
“Oei, als de ‘bron’ vertelt over twee onderbroeken, zit de ‘bron’ toch fout. Elke tien dagen laten we onze was doen, dus we lopen er hier propertjes bij. Leven uit een rugzak is eigenlijk niet zo moeilijk. Dé truc is om de rugzak goed te organiseren en nooit uit te pakken. Na een aantal nachten verhuis je toch weer. Het is cliché maar je leert dat je niet veel nodig hebt onderweg.”

Hoe ziet het vervolg van de reis eruit? En hoe pakken jullie het leven weer op? Zal dat wennen zijn?
“Dat zijn vragen waar we nu nog niet eens aan willen denken. Tot nu toe was beslissen om te vertrekken het moeilijkst. Maar mensen die ons voorgingen zeggen dat thuiskomen nog veel moeilijker is. Misschien is de oplossing dan om niet meer terug te keren?”

De reis van Annabelle en Djorven volgen kan via www.zonnemelk.be

Tekst: Jef Aerts
Foto’s: Annabelle en Djorven


Reactie toevoegen

Velden met een * zijn verplicht.

Onderox?*