Ga naar inhoud
Onderox
Terug naar overzicht

Ellen Rymen bewaart het overzicht

ZOERSEL – Heb jij dat ook? De ene ochtend zoek je je suf naar je autosleutels, de andere moet jouw partner opbellen omdat je je mobieltje niet meer vindt. En trek je een kast open, dan valt er vanalles uit, meestal rommel. Zo erg hoeft het allemaal niet te zijn. Ellen Rymen (36) uit Zoersel is een gediplomeerde opruimcoach en zet je graag op weg naar een ordelijker leven.

“Officieel ben ik professional organizer”, begint Ellen. “Het is echt een vak en sinds kort bestaat er zelfs een officiële beroepsvereniging. Vorig jaar was ik wat uitgekeken op mijn job als visual merchandiser. Ik wilde iets anders doen dan in een kledingwinkel de zoveelste nieuwe collectie zo mooi mogelijk integreren zodat het een aantrekkelijk geheel werd voor de klant. Dus zocht ik naar een nieuwe uitdaging en kwam uit bij een artikel over de job ‘opruimcoach’. Dat leek me wel wat. Ik heb cursussen gevolgd in Utrecht om het diploma te behalen. Nadien volgde nog een opleiding tot kantoorcoach. Zo kan ik nu zowel particulieren als bedrijven bijstaan. Maar ik ben niet de harde tante hoor, die jou nu eens gaat vertellen wat je echt nodig hebt en wat je moet wegkieperen.”

Opruimen, dat doe je toch zelf?
“Je zou ervan versteld staan hoeveel mensen nood hebben aan iemand die mee de eerste stappen zet. Dat gaat trouwens niet alleen over kasten leegmaken of overbodige spullen verwijderen. Soms heeft iemand gewoon wat meer structuur nodig zodat hij of zij geen uren verspilt aan zoeken Wist je dat we per dag gemiddeld een half tot twee uur verliezen aan het zoeken naar iets. En we hebben het al zo druk. Mijn eerste advies is: geef alles een vaste plaats en je dagelijkse handelingen zullen veel sneller gaan. Ook opruimen gaat veel efficiënter, omdat je weet waar je de zaken moet leggen. Een goeie tip: behandel al uw spullen als een vork. Als je die op de zitbank tegenkomt, weet je toch ook dat die in de keuken in de besteklade hoort. Je zal een vork niet snel elders neerleggen.”

Heb je nog tips voor een ordelijk huis?
“Zeker, één van de basisprincipes is: waar gebruik je je spullen het meest. Kookboeken bijvoorbeeld, die zouden mooi staan in die prachtige boekenkast die je net gekocht hebt voor de zitkamer. Maar daar gebruik je je kookboek niet. Dus voorzie je best een plaatsje in de keuken. Bovendien zal je achteraf je kookboek ook sneller op zijn plaats zetten want je hoeft er niet mee naar een andere kamer te lopen. ‘Dat neem ik straks wel even mee’, verandert immers al vlug in iets vergeten mee te nemen en dan blijft het kookboek op het aanrecht rondslingeren. Het is trouwens ook een tip die ik al gaf aan een klant met chronische vermoeidheid. Samen hebben we voor alles wat ze dagelijks nodig had de meest logische plek gezocht zodat ze geen kostbare energie meer verspilde aan rondlopen om haar spullen bij elkaar te zoeken.”

Kan je ook kinderen leren opruimen?
“Zeker, ik heb een tweeling van zes jaar en ben dus ervaringsdeskundige. Zo vlug kinderen motorischvoldoende ontwikkeld zijn, kan je hen leren hoe ze hun speelgoed moeten opruimen. Blokken bij elkaar, knuffels in één doos,… Zo leren ze ook onderscheid maken in soorten speelgoed. We hebben thuis dagelijks een vast opruimmoment. En als de kinderen van school komen, hangen ze hun jasjes onmiddellijk aan de kapstok die vlakbij de deur staat waar ze normaal binnenkomen. Op school doen ze dat toch ook, zelfs vier keer per dag. Mutsen, sjaals en petten gaan in één box. Hebben ze iets nodig om bijvoorbeeld in de tuin te spelen dan weten ze het dadelijk te vinden.”

Maar daarmee heb je nog geen overbodige spullen weggegooid? Hoe ‘ontspul’ je?
“Vergis je niet, ‘ontspullen’ is niet hetzelfde als weggooien. Ik bedoel hiermee dat we ons moeten omringen met spullen die we belangrijk vinden, die we gebruiken en waar we blij van worden. Als mensen aan een opruimklus willen beginnen, denken ze vaak: nu gooien we ineens alles weg. Maar zo werkt het niet. Als opruimcoach maak ik samen met hen een selectie en waar ze uiteindelijk toch vanaf willen, proberen we een tweede leven te geven in een kringloopwinkel of schenken we aan een goed doel. Dat geeft hen meestal een beter gevoel dan alles zomaar naar het containerpark brengen.”

Wie schakelt zoal jouw hulp in?
“Dat is heel gevarieerd. Het  gaat van mensen met een aandachtsstoornis die in hun dagelijkse taken structuur nodig hebben tot senioren die naar een woonzorgcentrum vertrekken en niet goed weten wat mee te nemen en wat achter te laten. Ook mensen die van een grote woning naar een appartement verhuizen zonder kelder of zolder, weten vaak niet hoe ze alles in die kleinere ruimte moeten krijgen en of alles wel mee moet. Onlangs had ik een koppel dat met pensioen ging. Die wilden eens door alle kasten gaan zodat ze proper aan hun oude dag konden beginnen. Nu waren ze ook nog gezond van geest en konden ze zelf beslissen wat ze wilden houden. Bedrijven schakelen mij in om orde te scheppen in hun archief. We zitten wel in het digitale tijdperk maar er staat toch nog altijd veel op papier hoor. Ook om het mailverkeer in goede banen te leiden, ben ik al gevraagd.”

Kom je zo niet heel diep in de privésfeer van anderen?
“Inderdaad, maar we maken goede afspraken. Vooraleer we aan de slag gaan, is er een kennismakingsgesprek. Daarin vertellen ze meestal al veel over hun verleden en hoe ze aan al die voorwerpen zijn geraakt. We bespreken de situatie, de obstakels waar ze mee zitten en welk doel ze willen bereiken. Dan maken we samen een stappenplan. Maar iedereen beslist zelf wat hij of zij wegdoet en bijhoudt. Sommige klanten kiezen ervoor om het hele traject met mijn hulp af te leggen. Anderen hebben genoeg aan dat duwtje in de rug om er zelf aan te beginnen.”

En wat doe je met de ‘hopeloze gevallen’?
“Bedoel je mensen met wie ik een opruimtraject hebt afgelegd en waar na een maand alles alweer overhoop ligt?  Ik hou niet zo van de woorden  ‘hopeloze gevallen’. Iedereen heeft een rugzakje, er is vaak een reden waarom het zover is gekomen.  Trouwens, een huis hoeft niet perfect te zijn hé. Als iemand gelukkig wordt van veel spullen om zich heen te hebben, dan is dat best oké. Het zijn vooral mensen die er niet meer tegen kunnen dat ze voortdurend in de rommel zitten die mij inschakelen. Vaak weten ze ook niet meer wat ze hebben of waar ze iets hebben gelegd. ‘Ah, ligt dat hier!’ hoor ik dikwijls.”

Is het ook niet omdat we met z’n allen veel te veel hebben?
“Dat klopt wel maar daar kan je iets aan doen. Ik heb zelf bijvoorbeeld  geen slazwierder in huis. Het is een onding dat in je keukenkast veel plaats inneemt en dat je alleen kan gebruiken om sla droog te maken. Dat kan ik evengoed met een keukenhanddoek in de tuin, zoals vroeger. En de soepterrine die ik te mooi vond om naar de kringloopwinkel te brengen, maar waar nooit nog soep in werd geserveerd, gebruik ik nu als fruitschaal. Een T-shirt dat ik niet meer draag wordt een kussenovertrek. Het hele gezin kent ook het ‘potje voor the little things’ dat op de buffetkast staat, binnen ieders handbereik. Een knoop die opnieuw moet aangenaaid, een juweeltje dat kapot is en nog kan worden hersteld,… alles gaat erin. Zaak is natuurlijk om dat potje niet te laten overlopen.”

Nog een laatste tip: die van de omgekeerde kleerhangers.
“Ja, die staat op mijn website. Het is eigenlijk heel eenvoudig. Als je wat orde hebt, hangen je kleerhangers in de kast allemaal netjes met de open kant van het haakje naar achter gericht. Trek je een kleedje aan en hang je het nadien terug, keer het haakje dan om. Op het einde van het seizoen zie je dan in één oogopslag welke kleren je al die maanden niét hebt gedragen en die kan je dan van de hand doen.”

Hoe eenvoudig kan het zijn, maar je moet er wel opkomen!

Tekst en foto’s: Suzanne Antonis

Meer info: Ellen geeft workshops en lezingen over ‘ontspullen’. Data en iets meer uitleg: www.hetoverzicht.be.


Reactie toevoegen

Velden met een * zijn verplicht.

Onderox?*