Ga naar inhoud
Onderox
Terug naar overzicht

Filmmaker wordt stripscenarist

MOL – Mollenaar Enzo Smits klopt met forse kneukels op de grote poort van de stripwereld. En dan wel in het marktsegment dat als ‘strip underground’ gecatalogeerd staat. Enzo schreef het scenario voor de striproman ‘Wolven’, het lag in het verlengde van zijn opleiding als filmmaker én hij vond het leuk om te doen, samen met tekenaar Ward Zwart. Zo plezant dat er al stellingen gebouwd worden voor een nieuw scenario. Ward punt alvast de tekenstiften bij.

Of hij Storm over Damme, de Tartaarse helm of de Muzikale Bella als snotter al eens gelezen heeft? Mogelijk wel, maar Enzo Smits is nooit de kerel geweest die op zijn jongenskamer meters boekenrekken vulde met netjes geordende stripreeksen. Hij las ze occasioneel wel, maar hem in eender welke getekende ban slaan, was er toch nooit bij. Jef Nys noch Merho vonden in hem een fanatieke volgeling. Zijn creatieve kronkels gingen en gaan een andere richting uit. Hij behaalde zowel zijn bachelor als zijn master aan de kunsthumaniora. Een langspeelfilm staat – uiteraard – bovenaan zijn verlanglijstje. Maar met zijn kompaan Ward Zwart een strip op de markt brengen is een leuke, fictieve uitlaatklep. Ondertussen verdeelt hij zijn tijd netjes tussen wonen in Brussel en een boeken/platenwinkel openhouden boven de populaire koffiebar Zebra in Mol. Altijd plezant om de twee te combineren!

Enzo, na je gedegen opleiding in de gemeentelijke basisschool van Ezaart en een aantal jaren St.-Jan Bergmanscollege ben je even van de radar verdwenen. Wat heb je tussentijds uitgespookt?
“Na drie jaar College ben ik vertrokken naar de kunsthumaniora in Hasselt. Daar volgde ik de richting audiovisuele media. Die studies heb ik verder afgewerkt in Brussel. Ik heb eerst mijn bachelor behaald, een jaartje iets anders gedaan en dan toch maar mijn master behaald aan de Luca School of Arts, campus Sint Lukas Brussel.”

Iets anders gedaan?
“Tussen die twee opleidingen door heb ik een jaar in de decorbouw gewerkt. Een plezante maar best wel arbeidsintensieve job. Al zag ik soms niet langer het verschil tussen werken in de decorbouw en bedrijvig zijn in een verhuisfirma. In die periode had ik vaak geen tijd, en ook niet altijd de fut, om iets voor mezelf te doen. Maar ik ben dan toch aan mijn master begonnen. Daar maakte ik twee kortfilms. In 2014 heette die All We Ever Wanted Was Everything. Dat was de afstudeerfilm die ik als een soort van ‘eindwerk’ kon maken, dat stond me wel aan. De tweede, uit 2016, was It Wont Be Long Now. Dat was in samenwerking met Canvas/De Chinezen voor het programma 4x7. Dus dan begin je te dromen om toch eens een langspeelfilm te kunnen draaien. En dromen moet een mens toch kunnen blijven doen.”

Waar kun je met dergelijke opleiding, je bent tenslotte een master, uiteindelijk terecht?
“Als ik eerlijk moet zijn, velen haken al snel af en zoeken hun heil in jobs die ergens gerelateerd zijn aan je opleiding. Zelf ben ik nu met een boeken/platenwinkel begonnen boven de koffiebar van mijn ouders. Al kun je het hier niet vergelijken met de doorsnee winkel. Het is trouwens ook een beetje begonnen als practical joke met mijn pa, zelf al heel zijn leven een bijzonder creatieve mens geweest. Er was recent een periode dat je in Mol dankzij het gemeentebestuur een opstartpremie kon winnen voor een nieuwe zaak. Ik was te laat om mijn aanvraag in te dienen, dus ik opperde ‘dan doe ik het nu maar gewoon zelf’. Ik ben van nature een verzamelaar van platen en kunstboeken. En ik ben niet gebonden aan eender welke uitgeverij, dat betekent dat ik vrij ben in mijn selectie en dat weerspiegelt zich in mijn keuze. Laat ik het zo stellen: kookboeken van J.M. of P.N. vinden mensen sneller en goedkoper in de lokale supermarkt. Daar kan ik de concurrentie toch niet mee aangaan. Dan presenteer ik - laten we het bij de potten en de pannen houden - liever kookboeken met een heel andere invalshoek. Een kookboek van iemand die door heel Zweden gereisd heeft en er kookte met wat er voorradig was, bijvoorbeeld. Drie dagen per week ben ik in Brussel, waar ik woon en drie dagen vind je me in mijn winkel. Mensen die mijn selectie weten te smaken, vinden me wel. Wat ik niet voorradig heb, probeer ik voor hen te pakken te krijgen. Ook mijn platenkeuze is redelijk eigenzinnig. Persoonlijk ben ik een fan van vinyl, niet omdat dit nu weer hip is, maar dat is gewoon zo. Dus zitten mijn platenbakken vol met langspeelplaten. Maar als er iemand toch een cd wil, probeer ik die op de kop te tikken.”

Hoe wordt een filmmaker-in-opleiding plots de schrijver van een stripscenario?
“Ik volgde op St.-Lucas de regieopleiding, de nadruk lag daar al op schrijven. En toen is het allemaal organisch gegroeid. Ik ben begonnen met een half verhaal, daar heb ik dan aan verder geschreven alsof ik aan een filmscript werkte. Ward kende ik al sinds mijn zestiende, we zwierven langs alle jeugdhuizen van het land om naar optredens te gaan. Ward was toen al een tekenaar, hij ontwierp vaak de affiches voor de optredens waar we naartoe gingen. Of hij ontwierp T-shirts. Hij woont en werkt in Antwerpen en is de auteur van o.a. talrijke zines (een gefotokopieerd tijdschrift op kleine schaal, nvdr.) en drie boeken. Als illustrator werkt hij voor opdrachtgevers als Vlaamse Opera, Oogst, Weekend Knack en De Morgen. Toen hij mijn gedeeltelijke scenario las, klikte het meteen tussen ons. Hij reageerde op mijn scenario met tekeningen waardoor ik weer inspiratie kreeg. Die symbiose werkte dus. Omdat Ward al enige bekendheid genoot in de wereld van de uitgevers, raakten we ook relatief vlot ergens binnen. En -het mag zeker vermeld worden – de samenwerking verloopt vlot. Als je ziet dat we startten in september 2015 en rond waren in juli 2016 en het boek uitgekomen is in december van datzelfde jaar, is alles gesmeerd verlopen.”

Twee vraagjes nog. Komt er een vervolg? En wat is het verschil met het scenario voor een film?
“De samenwerking met Ward is goed en ja, er wordt gewerkt aan een volgend boek. Er zijn al lijnen uitgezet. Maar pin me nu niet vast op een bepaalde datum. Een stripscenario is in die mate anders dat je op het einde van de rit ‘iets’ in je handen hebt. Plots is dat boek daar, je kan het vasthouden. Als een film uitkomt, heb je die al zoooo vaak gezien. Soms te vaak. Dan zijn er momenten dat je het niet mooi meer vindt.”

Tekst: Jef Aerts
Foto’s: Bart Van der Moeren

Meer info: Wolven (204 pagina’s) kost 26,95 euro en is te koop in stripwinkels en boekhandels.


Reactie toevoegen

Velden met een * zijn verplicht.

Onderox?*