Ga naar inhoud
Onderox
Terug naar overzicht

Pays de Flandre, een heerlijk stukje Vlaanderen

PAYS DE FLANDRE – Onder het motto ‘des te dichter, des te lichter’ liet Onderox Magazine zich pramen om een ontdekkings- zeg maar belevingsreis te maken net ‘over de schreve’. Een uurtje karren vanuit Brugge en je zit in de kern van het Pays de Flandre dat aanleunt bij de Vlaamse Westhoek. De geschiedenis van de Franse Westhoek is wat complex. De streek is rijkelijk uitgerust met forten en vestingmuren, maar het wapengekletter heeft de bewoners niet klein gekregen.

De regio heeft karakter, koestert zijn rijk en typisch Vlaams gekleurde geschiedenis en verleidt met zijn prachtig wiegend landschap dat naar de zee neigt. De gevels op de marktpleinen zijn Vlaams en onder het veelkleurig wolkendek klauwen er in deze beperkte regio meer leeuwtjes dan in heel Vlaanderen. Puurheid en hartelijkheid zijn er troef. Bij de begroeting in de kroeg gaan de armen van de waard nog open. De geur van stoof- en potjesvlees is nooit ver weg, maar net zo goed wordt er uit een culinair verfijnder vaatje getapt. Elk wat wils dus. In deze bijdrage houden we het bij een korte beschrijving van enkele persoonlijke ervaringen. Uitgebreide informatie  – ook in het Nederlands – vind je bij de dienst toerisme Pays de Flandre, die haren op snaren zet om de regio te propageren.

Katsberg
Zondagmorgen. Plaats van afspraak: een huisnummer ergens op een boerengehucht tussen de wiegende weiden. Alleen het aangevreten asfaltwegeltje doet aan de 21ste eeuw denken… Gelukkig is er de forse jeep van onze gastvrouw. We zijn uitgenodigd op een mis voor St.-Hubert en een zegening van de paarden. Er heerst enige scepsis op dat ogenblik, want de omgeving lijkt uitgestorven. Maar tien haarspeldbochten verder is de metamorfose groot. Tussen ontelbare paarden, honden, poezen en andere huisdieren belanden we op vrij grote hoogte aan de prachtige abdij van Katsberg in Godewaarsvelde. Het panorama is weids en lijkt op een amfitheater waar duizenden bezoekers samentroepen. Het programma is rijkelijk met hoorngeschal, dressuur en de zegening van dieren door een geestige pastoor, van de Franse slag. Als er honderden Fransen ter communie blijven snellen, wordt hij geholpen door de H. Geest. Hij schraapt de keel en deelt  met zalvende stem mee dat er overmacht in het spel is: te weinig hosties. “Mààr wie van plan was om ter communie te gaan, was die zondag net zo goed in staat van genade als zijn buurman die de communie wel ontving.” De intentie, nietwaar.
De prachtige abdij van Katsberg wordt bewoond door trappisten, die door de eeuwen heen hard  bikkelden om te overleven. Zij lagen onder meer ook aan de basis van de stichting van de trappistenabdij in West-Vleteren. De abdij is moeilijk toegankelijk, wat niet kan worden gezegd van het modern verkoopcentrum dat tegen de abdijmuren aanschurkt. De trappist is voortreffelijk, de kaas vrij duur.

Lunchen in Cassel
Eén van de mooiste panorama’s in Frankrijk vind je in Cassel (Kassel). Het stadje ligt centraal  in het Pays de Flandre en op het hoogste punt. De Kasselberg is 176 meter hoog en wordt door de Fransen gekscherend de Mount Everest van de omgeving genoemd. Historisch bekeken is Cassel een kernstadje. Geen dikkenekkerij hier, maar  het stadje was het kruispunt van zeven heirwegen en speelde eeuwenlang zowel op mercantiel als militair vlak een belangrijke rol. Op het hoogste punt speurt Maarschalk Foch de omgeving af. Gedurende WOI was hier geruime tijd het hoofdkwartier gevestigd van de Franse strijdkrachten. Een stadswandeling met gids of op eigen houtje is aan te bevelen. Verloren lopen doe je er niet want de grote markt is vrij uitgestrekt en tegelijkertijd een baken voor de bezoeker. De bouwstijlen zijn Vlaams, gevarieerd en elk gangetje verbergt schatten. In het vroegere indrukwekkend gerechtsgebouw is thans het Museum van Vlaanderen ondergebracht. Alle aspecten van de Frans-Vlaamse geschiedenis en verbondenheid komen hier tot uiting. De Casselaers gaan graag uit de bol en vieren carnaval intenser dan waar ook. Hun symbolen ‘de reuze papa en mama’ vonden in het departementaal museum een bevoorrecht onderkomen.
In Estaminet Kerelshof doen wij ons te goed aan potjesvlees en een flinke slok gerstenat. De patroon,  een echte bierkenner, heeft zin voor humor. Als iemand uit een gezelschap het gerstenat dat hij krijgt voorgeschoteld niet zo lekker vindt, fixeert hij hem gedurende enkele seconden streng met het advies om voortaan bij het degusteren beter zijn best te doen.

Boekendorp
De Fransen zijn trots op hun boekendorp Esquelbecq. De Ijzer is hier een wassende beek die zich met moeite een weg baant door de eikels, vandaar de Vlaamse naam: Eikelsbeek. Je moet het de inwoners nageven dat ze met Esquelbecq een goede klanknabootsing bedachten.
De prachtige Sint-Volkwinkerk in het dorpje, het kasteel en het gemeentehuis imponeren. In het centrum staat alles in het teken van het boek. Op geregelde tijdstippen wordt hier met tientallen kartonnen dozen gesleurd vol boeken die je leven verrijken. Schragen worden gevuld en geledigd. Heel het jaar door zijn er acties en literaire evenementen. Raadpleeg in dat verband www.esquelbook.com. Maar naast de talrijke boekenmarkten, waar ook tal van Belgen trachten hun literaire pareltjes aan- of te verkopen, adviseren we je te laten verrassen door het onverwachte. Zo lieten we ons inpakken door les Gigottos-automates-de-Bruno. Bruno Dehondt is het jongetje dat in de klas altijd dromend door het raam staarde en na enkele decennia eindelijk wakker werd in een wereld die hij zelf creëerde. De figuren die hij schept, zijn lief en wonderlijk. Ze bewegen mechanisch en reageren instemmend of afwijzend op wat je tegen hen zegt maar doen altijd iets waarvan ze vinden dat het goed is voor jou… Hun bewegingen zijn wat hoekig, maar doortastend. Het is allemaal zo wonderlijk en naïef dat een mens na zijn bezoek er opgewekt buiten stapt, ook al omdat een gigotto mijn schoenen poetste. De aimabele Bruno Dehondt lijkt een beetje gekkig (‘un savant fou’ zeggen de Fransen), maar slaagt erin al zijn bezoekers blijer en gelukkiger te maken (La Minoterie 3 bis, Route des Bergues).

De randoherbergen
Over een uitstekend initiatief gesproken. Frans-Vlaanderen is de uitgelezen plek voor wandelaars en fietsers. De natuur is er prachtig en een wirwar van wegen en paden leidt je tot bij de mooiste plekjes. Het glooiende landschap is daarbij een aparte uitdaging. Mettertijd werden er in de regio ontelbare fiets- en wandelpaden gecreëerd met bewegwijzering, maar toch bleef het moeilijk voor de gelegenheidsbezoekers om een geschikte rustplek te vinden, de inwendige mens te versterken en informatie te krijgen over het tracé van de wandelwegen en fietsroutes. 
In de regio is daarom een netwerk uitgebouwd waarin 45 herbergen participeren. Alle liggen ze in de directe omgeving van de fietspaden en wandelroutes. In de cafés heerst een prettige, huiselijke sfeer en kan je tot rust komen. De bewegwijzerde routes (fiets-, mountainbike-, wandel- en ruiterroutes) kan je gratis downloaden via www.opstapinnoord-frankrijk.fr of zijn te koop bij de toeristische diensten, waar je trouwens ook aan de nieuwe knooppuntenkaarten kan geraken. Belangrijk is dat je in deze gelegenheden je lunchpakket mag opeten. De uitbaters gaan er prat op dat bij hen iedereen welkom is. In voorkomend geval is reservatie voor een tijdstip buiten de normale openingsuren mogelijk.

Runen
Het viel  ons op dat in de Westhoek tal van gebouwen, veelal de puntgevels zijn versierd met geometrische figuren, waarbij men ook nog eens gebruik maakt van anderskleurige bakstenen. Ze worden beschouwd als de handtekening van de metselaars. Die tekens worden runen genoemd en staan vaak voor geheimschrift en magie. Zo zou de ruit het levensspoor vertegenwoordigen en op de vruchtbaarheid slaan. De odal is het symbool van de onafhankelijkheid en vrijheid, en duidt aan dat een mens zijn bezittingen vrijelijk kan doorgeven. Het hart is dan weer het symbool van trouw en moederliefde. Maar meestal zijn de runen samengesteld uit rechte lijnen, wat het markeren vergemakkelijkt.

Bergues, het Frans-Vlaamse Brugge
Maandag, marktdag. De kraampjes vullen de hoofdstraat en de ruime Markt tussen het historische Belfort en het stadhuis. Het weer schittert en er is veel volk op de been. Sint-Winoksbergen (Bergues in het Frans) lijkt het kleine broertje te zijn van Brugge en leefde enkele decennia rijkelijk op de rug van een bloeiende textielindustrie. Het bouwkundig erfgoed draagt veelal een religieuze of militaire stempel. Dat is ook niet te verwonderen want hier leefden vier abdijen in elkaars schaduw en elke oorlog liet er zijn sporen na of leidde tot een verbetering van de vestingwallen. Het stadje telt liefst drie kazernes en gaat gebukt onder een groot Vaubangehalte. Met Jacques Martel krijgen we een gepassioneerde stadsgids, die de grote geschiedenis uit de doeken doet maar in de stadsstraatjes ons ook tal van schattige en pittige details aanwijst. Zo stootten we op de reus van Bergues, die binnenkort het zotte carnavalgebeuren van de stad moet aanzwengelen, maar vooralsnog lui op zijn achterwerk tegen het stadhuis leunt.

Berg van Barmhartigheid
In de Mont-de-Piété, een gebouw waarvan de grandeur in schril contrast stond met de staat van zijn bezoekers, kregen de armen krediet voor het pand dat ze afstonden. Het initiatief was afgekeken van Wenceslas Coberger. Het bouwwerk bleef goed  bewaard en is in Vlaamse renaissancestijl opgetrokken. Thans vindt het stedelijk museum er een onderkomen voor zijn permanente collectie en een brede waaier kunstschatten uit de Sint-Winoksabdij.

Tinneke Van……
Het stadsbezoek was mooi, interessant en een tikkeltje vermoeiend. De kilometers beginnen te wegen. Op het toerismekantoor willen we in een fraaie relaxzetel duiken, maar Jacques, onze gids, port aan om het belfort te bestijgen. 193 treden: honderd-drie-en-negen! De tocht is moeizaam en de reporter kan een sneer niet onderdrukken: “Jullie stadsbeiaardier is blijkbaar slimmer dan wij! In de folder is elke marktvoormiddag beiaardspel aangekondigd, maar daar is hier weinig van te merken.” Jacques werpt ons een vernietigende blik toe, trekt zijn jasje uit, stroopt de hemdsmouwen op en beukt op de toetsen. Buiten klingelen de klokjes: “Tinneke van Heule ons maartje…” De stadsgids-beiaardier kan een spottend lachje niet verbergen en hamert neuriënd verder “...kan werken als een paardje”. Die Fransozen toch!
Voor meer info, contacteer Pays de Flandre Toerisme op 0033 328 48 61 54.
www.frans-vlaanderen.be
www.paysdeflandre.fr

Bienvenue Chez Nous – Van Harte Welkom
BERGUES – Wakker worden in een smaakvol ingerichte suite onder het opgewekte tingeltangeltje van de lokale beiaard. De geur van versgebakken Frans brood en een neuriënde kok die een heerlijk ontbijt op tafel tovert… zalig. De papillen krijgen wat ze willen. De gastvrijheid en bekwaamheid van Jean-Pierre, eigenaar-kok, zijn de toefjes die het verblijf in dit merkwaardige stadje onvergetelijk maken.

Het steekt een beetje dat dit prachtige stadje ooit van Vlaanderen is afgebrokkeld, maar de gastvrijheid en professionaliteit van Jean-Pierre en zijn vrouw Valérie compenseren veel. Hun ‘maison d’hôte’ is zoveel meer dan een doordeweekse bed and breakfast. Het was prettig toeven in de statige maar gastvrije woning met karaktervolle gastenkamers en diverse prachtige eetvertrekken en een steengoede keuken.

Dokterswoning
“Ik droomde hier al lange tijd van”, bekent Jean-Pierre Debailleul, “maar het was niet zo eenvoudig om in dit historische stadje aan een pand te geraken. Toen eind vorig decennium deze dokterswoning vrijkwam, hebben we ons ‘gegooid’ en daar hebben we nog geen dag spijt van.
We beperkten ons tot vier gastenkamers, elk met een eigen karakter en stijl.” De vertrekken zijn  comfortabel en sfeervol. De Torenkamer kijkt uit op de trotse vestingtoren van Bergues, de vestingkamer herinnert aan Vauban en zijn forten, de Bergenkamer ademt de geschiedenis en het carnaval van dit stadje en in de Belfortsuite heerst charme en romantiek.

Lekkers en interieur
In de fraaie dokterswoning werkte het echtpaar diverse ideetjes uit. Zo werden diverse vertrekken van vroeger bewaard en ingericht als eet- of ontbijtkamers, met de “samen-maar-toch-apart-gedachte” als constante. Wat tot gevolg heeft dat de privacy van een gezelschap kan worden gerespecteerd, zonder dat je wordt geïsoleerd. Jean-Pierre is een begenadigd kok, wat impliceert dat zijn stadsgenoten op hem ook een beroep doen als traiteur. Gastronomische pareltjes die op de tong smelten als ‘de foie gras van het huis’, ‘ het triootje van chocolade mousses’ en ‘de sint- jakobsschelpen’ gaan vlot over de toonbank.

Diverse troeven  
Echte gastronomen die het geheim van al dat lekkers willen ontdekken, kunnen bij de kok terecht tijdens de cursussen op dinsdagvoormiddag. Een verrassende ervaring, waarmee deze jongen nadien bij diverse slachtoffers een diepe indruk kerfde. Maar laat ons niet te persoonlijk worden!
De inrichting van de kamers (zeg maar suites) gebeurde met goede smaak en verraden de hand van de gastvrouw Valérie. Alle benutte attributen zijn er te koop en je kan er ook terecht voor gepersonaliseerde souvenirs. De eetkamers zijn gecreëerd op de vroegere functies: wachtzaal, eetkamer en het wat intiemere boudoir en een prachtige patio.
Zowel gezelschappen als individuele bezoekers vinden er hun gading. ”Onze  gerechten en de hele inrichting zijn maison”, voegt Jean-Pierre eraan toe en dat heeft uiteraard te maken met de warme stempel van zijn vrouw Valérie.

Gezellige drukte
Over de historische uitstraling hebben we het elders in dit nummer, maar ook op toeristisch vlak scoort Bergues goed. Rijsel en Brugge zijn op minder dan een uur te bereiken, en wie goede oren en neus heeft, hoort de zee van Duinkerke klotsen en ruikt de trappist van Westvleteren. “De toeristen komen van alle kanten”, zegt Jean-Pierre, maar we begroeten toch zeer veel Belgen en Britten, vanwege de Britse begraafplaats  in Saint-Omer. Tijdens een bezoekje ontdekten we overigens dat op deze plek een ereperkje werd aangemaakt voor 17 Belgen die hier sneuvelden in WOI, waaronder ene Eduard Huysmans uit Geel. 
Reportage: Bruno Otten

Speciaal voor de Onderox-lezer
Zin om een aantal dagen in deze boeiende regio door te brengen? Profiteer dan van dit overnachtingsarrangement en de korting op het verjaardagsmenu.

2 nachten voor 2 personen inclusief ontbijt
De prijzen schommelen tussen € 79 en € 99 per nacht voor 2 personen.
Lezers van Onderox Magazine krijgen gratis een fles champagne aangeboden.

Onderox-menu ‘Anniversaire’
Bezoekers die zich bekendmaken als Onderox-lezer, krijgen het menu ‘Anniversaire’ aangeboden aan 30 euro.
Ganzenlever
Sint-jakobsvruchten
Brochette met geroosterd vlees of gambas
De befaamde kaas van Bergues
De dagtaart of Dame Blanche.
(knip dit artikeltje uit of toon deze Onderox)

Het restaurant is open:
Avond: alle dagen behalve zondag
Middag: vrijdag, zaterdag en zondag

Aanbod geldig tot 31 december 2015.

Bienvenue Chez Nous
Jean-Pierre en Valérie     
Tel. 00 33 361384720 of 00 33 609101073
25 rue du collège, 59380 Bergues
www.bienvenuecheznousabergues.fr


Reactie toevoegen

Velden met een * zijn verplicht.

Onderox?*